Une
« Une » betekent hier « een » en introduceert « Une tempête » als een niet nader bepaalde storm. Het is de vrouwelijke vorm van het onbepaalde lidwoord en staat vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Je gebruikt het in vergelijkbare patronen wanneer je iets voor het eerst of zonder nadere bepaling noemt.
tempête
« tempête » betekent hier « storm » in « Une tempête peut survenir ». Het woord benoemt het weersverschijnsel dat tijdens het traject kan optreden. Je gebruikt het bijvoorbeeld om over gevaarlijk weer en de gevolgen daarvan voor een reis te praten.
peut
« peut » drukt hier uit dat iets mogelijk is: een storm kan optreden. De vorm staat samen met het infinitief « survenir » in « peut survenir »; de vervoegde vorm komt van « pouvoir ». Je gebruikt hetzelfde patroon met « peut » gevolgd door een infinitief om een mogelijkheid te beschrijven.
survenir
« survenir » betekent hier « zich voordoen » of « optreden » en beschrijft dat de storm tijdens het traject kan gebeuren. Als infinitief volgt het op « peut » in « peut survenir ». Je gebruikt het voor een gebeurtenis die onverwacht of op een bepaald moment plaatsvindt.
pendant
« pendant » betekent hier « tijdens » en verbindt de gebeurtenis met de periode « pendant mon trajet ». Het voorzetsel staat vóór een zelfstandig naamwoord of een bezittelijke woordgroep. Je gebruikt « pendant » om aan te geven dat iets binnen een bepaalde tijdsduur gebeurt.
mon
« mon » betekent hier « mijn » in « mon trajet ». Het staat vóór het zelfstandig naamwoord dat bij de spreker hoort en vormt samen met dat woord één bezittelijke woordgroep. Je gebruikt « mon » om bezit of verbondenheid met de eerste persoon aan te geven.
trajet
« trajet » betekent hier « traject » of « reis », specifiek de reis van de spreker. In « pendant mon trajet » benoemt het de verplaatsing waarbij de storm kan optreden. Je gebruikt het voor een concrete verplaatsing van een vertrekpunt naar een bestemming.
Si
« Si » betekent hier « als » en leidt de voorwaarde in « Si tu dois te déplacer ». De voorwaardelijke bijzin komt vóór het advies in de hoofdzin. Je gebruikt « si » om een voorwaarde te noemen waaronder iets geldt of moet gebeuren.
tu
« tu » betekent hier « je » of « jij » en verwijst naar de persoon tot wie de spreker zich richt. In « tu dois te déplacer » is het de persoon die moet reizen. Je gebruikt « tu » in een directe, informele aanspreekvorm.
dois
« dois » drukt hier uit dat de aangesprokene moet reizen: « tu dois te déplacer ». De vorm staat bij « tu » en komt van « devoir »; daarna volgt het infinitief « déplacer ». Je gebruikt « devoir » met een infinitief om noodzaak of verplichting uit te drukken.
te
« te » verwijst hier terug naar de aangesprokene in « te déplacer » en hoort bij de uitdrukking « se déplacer », zich verplaatsen. Het voornaamwoord staat vóór het infinitief na « dois ». Je gebruikt dit patroon wanneer de persoon zelf de verplaatsing uitvoert.
déplacer
« déplacer » betekent hier, samen met « te », « zich verplaatsen » of « reizen ». In « dois te déplacer » staat het als infinitief na een vorm die noodzaak uitdrukt. Je gebruikt « se déplacer » voor het van plaats veranderen of ergens naartoe reizen.
pars
« pars » is hier een rechtstreeks advies: « vertrek ». De vorm staat in de gebiedende zin « pars plus tôt » en komt van « partir ». Je gebruikt deze vorm om iemand aan te raden of op te dragen te vertrekken.
plus
« plus » betekent hier « meer » in de tijdsuitdrukking « plus tôt », dus « eerder ». Samen met « tôt » vergelijkt het vertrekmoment met het oorspronkelijk verwachte moment. Je gebruikt « plus » in vergelijkbare combinaties om een grotere mate of een vroeger moment aan te geven.
tôt
« tôt » betekent hier « vroeg » en in « pars plus tôt » specifiek « eerder ». Het zegt wanneer de aangesprokene moet vertrekken. Je gebruikt « tôt » om een vroeg tijdstip aan te duiden, eventueel met « plus » voor een vergelijking.
et
« et » betekent hier « en » en verbindt twee adviezen: « pars plus tôt » en « garde ton itinéraire flexible ». Het woord heeft hier een verbindende functie tussen twee werkwoordelijke delen. Je gebruikt « et » om gelijkwaardige handelingen of eigenschappen samen te voegen.
garde
« garde » betekent hier « houd » en is een advies in « garde ton itinéraire flexible ». De vorm staat in de gebiedende wijs van « garder » en krijgt « ton itinéraire » als object. Je gebruikt « garder » met een object en een eigenschap om aan te geven dat iets zo blijft of zo wordt gehouden.
ton
« ton » betekent hier « jouw » in « ton itinéraire ». Het verwijst naar de route van de aangesprokene en staat direct vóór het zelfstandig naamwoord. Je gebruikt « ton » om bezit of verbondenheid met de aangesprokene aan te geven.
itinéraire
« itinéraire » betekent hier « route » of « traject », namelijk de route die de aangesprokene zal nemen. In « garde ton itinéraire flexible » wordt die route als aanpasbaar beschreven. Je gebruikt het voor een geplande of gevolgde route tijdens een verplaatsing.
flexible
« flexible » betekent hier « flexibel » en beschrijft in « ton itinéraire flexible » een route die aangepast kan worden. Het woord geeft aan dat de route niet vastligt. Je gebruikt het met een plan, route of regeling die kan veranderen wanneer de omstandigheden veranderen.
Je
« Je » betekent hier « ik » en verwijst naar de spreker in « Je dois aller au bureau ». Het staat als onderwerp vóór de vervoegde vorm « dois ». Je gebruikt « je » om een handeling, noodzaak of plan van jezelf te beschrijven.
aller
« aller » betekent hier « gaan » in « dois aller au bureau ». Het is een infinitief na « dois » en geeft aan welke handeling noodzakelijk is. Je gebruikt « aller » vaak met « à » of een plaatsaanduiding om een bestemming te noemen.
au
« au » betekent hier « naar het » in « aller au bureau ». Het is de vaste samentrekking van « à » en « le » vóór een mannelijke enkelvoudige bestemming. Je gebruikt « aller au » vóór een mannelijke plaatsnaam of plaatsaanduiding.
bureau
« bureau » betekent hier « kantoor » in « au bureau ». Het is de bestemming waar de spreker naartoe moet gaan. Je gebruikt het met « aller au » om naar het kantoor te verwijzen.
Mais
« Mais » betekent hier « maar » en introduceert een beperking of aanvulling op de noodzaak om naar kantoor te gaan. In « Mais je peux revenir » leidt het een ander mogelijk plan in. Je gebruikt « mais » om twee inhoudelijk tegengestelde of nuancerende mededelingen te verbinden.
peux
« peux » drukt hier uit dat de spreker iets kan doen: « je peux revenir ». De vorm staat bij « je » en wordt gevolgd door het infinitief « revenir »; hij komt van « pouvoir ». Je gebruikt dit patroon om een mogelijkheid of vermogen uit te drukken.
revenir
« revenir » betekent hier « terugkomen » of « teruggaan », namelijk terugkeren voordat de storm sterker wordt. Het is de infinitief na « peux » in « peux revenir ». Je gebruikt « revenir » wanneer iemand teruggaat naar een eerder genoemde of bekende plaats.
avant
« avant » betekent hier « voordat » in « avant que la tempête ne devienne plus forte ». Het leidt een tijdsbepaling in die aangeeft wat eerder gebeurt. Je gebruikt « avant que » om een gebeurtenis te plaatsen vóór een andere gebeurtenis.
que
« que » maakt hier deel uit van de tijdsconstructie « avant que la tempête ne devienne plus forte », die betekent « voordat de storm sterker wordt ». Het verbindt « avant » met de bijzin over de storm. Je gebruikt « que » in deze constructie om de volledige gebeurtenis na « avant » in te leiden.
la
« la » betekent hier « de » in « la tempête ». Het verwijst naar de specifieke storm die al in het gesprek genoemd is. Je gebruikt « la » vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer het om een bepaalde zaak gaat.
ne
« ne » staat hier in « avant que la tempête ne devienne plus forte » als onderdeel van de formele constructie na « avant que ». Het geeft hier geen gewone ontkenning van de storm weer. Je kunt deze vorm in dezelfde constructie aantreffen wanneer je een gebeurtenis beschrijft die nog moet plaatsvinden.
devienne
« devienne » betekent hier « sterker wordt » in « la tempête ne devienne plus forte ». Het beschrijft de verandering van de storm naar een sterkere toestand na « avant que ». Je gebruikt « devenir » met een bijvoeglijk naamwoord om een verandering van toestand uit te drukken.
forte
« forte » betekent hier « sterk » en beschrijft de storm in « devienne plus forte ». De vorm staat na « devienne » en sluit aan bij « la tempête ». Je gebruikt « plus forte » om aan te geven dat iets sterker wordt dan tevoren.
Mets
« Mets » betekent hier « trek aan » of « doe aan » in het advies « Mets des chaussures imperméables ». De vorm is een gebiedend advies van « mettre » en krijgt « des chaussures » als object. Je gebruikt « mettre » met kleding of schoenen om aan te geven dat iemand ze aantrekt.
des
« des » betekent hier « enkele » of gewoon een meervoudig « een » in « des chaussures imperméables ». Het introduceert schoenen zonder ze als specifieke, eerder genoemde schoenen aan te duiden. Je gebruikt « des » vóór een onbepaald zelfstandig naamwoord in het meervoud.
chaussures
« chaussures » betekent hier « schoenen » en is het object van het advies « Mets des chaussures imperméables ». Het verwijst naar schoeisel dat geschikt is voor nat weer. Je gebruikt het in combinaties met eigenschappen die het soort schoenen beschrijven.
imperméables
« imperméables » betekent hier « waterdicht » en beschrijft de schoenen in « chaussures imperméables ». Het geeft aan dat de schoenen water tegenhouden. Je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord om kleding of materiaal te beschrijven dat tegen water beschermt.
évite
« évite » betekent hier « vermijd » in het advies « évite les rues ». De vorm is gericht tot de aangesprokene en krijgt « les rues » als object. Je gebruikt « éviter » met een plaats, persoon of situatie die je niet wilt gebruiken of meemaken.
les
« les » betekent hier « de » in « les rues ». Het verwijst naar de straten die in de volgende bijzin worden beschreven als meestal overstroomd. Je gebruikt « les » vóór een bepaald zelfstandig naamwoord in het meervoud.
rues
« rues » betekent hier « straten » in « les rues qui sont généralement inondées ». Het gaat om straten die de reiziger beter niet kan nemen. Je gebruikt het voor stedelijke wegen, vaak samen met een routekeuze of een beschrijving van hun toestand.
qui
« qui » betekent hier « die » en leidt de bijzin « qui sont généralement inondées » in. Het verwijst terug naar « les rues » en maakt duidelijk welke straten bedoeld zijn. Je gebruikt « qui » om extra informatie over een eerder genoemd zelfstandig naamwoord te geven.
sont
« sont » betekent hier « zijn » in « qui sont généralement inondées ». Het verbindt de straten met de eigenschap « inondées ». De vorm staat bij het meervoudige onderwerp « les rues »; je gebruikt hetzelfde patroon om een toestand of eigenschap te beschrijven.
généralement
« généralement » betekent hier « meestal » of « doorgaans » en geeft aan dat de straten niet altijd, maar gewoonlijk overstroomd zijn. Het bepaalt de frequentie van « sont inondées ». Je gebruikt het om een algemene of gebruikelijke situatie te beschrijven.
inondées
« inondées » betekent hier « overstroomd » of « ondergelopen » in « les rues qui sont généralement inondées ». Het beschrijft de toestand van de straten na of tijdens veel water. Je gebruikt het om plaatsen of andere zaken te beschrijven die door water bedekt zijn.
Le
« Le » betekent hier « de » in « Le passage souterrain ». Het introduceert de specifieke onderdoorgang die bij het station ligt. Je gebruikt « le » vóór een bepaald mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
passage
« passage » betekent hier « doorgang » in « Le passage souterrain ». Samen met « souterrain » verwijst het naar een ondergrondse doorgang. Je gebruikt het voor een plaats waar mensen van de ene kant naar de andere kunnen gaan.
souterrain
« souterrain » betekent hier « ondergronds » of « ondergronds gelegen » en beschrijft « Le passage ». De combinatie « passage souterrain » betekent « onderdoorgang ». Je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat iets onder de grond ligt.
près
« près » betekent hier « dicht bij » in « près de la gare ». Het geeft de nabijheid van de onderdoorgang tot het station aan. Je gebruikt « près de » vóór een plaats of ander zelfstandig naamwoord om een locatie in de buurt te beschrijven.
de
« de » maakt hier deel uit van de plaatsaanduiding « près de la gare », die « dicht bij het station » betekent. Het verbindt « près » met de plaats waarnaar verwezen wordt. Je gebruikt « près de » als vaste combinatie om nabijheid uit te drukken.
gare
« gare » betekent hier « station » in « près de la gare ». Het is het herkenningspunt waar de onderdoorgang in de buurt ligt. Je gebruikt het met « la » wanneer je naar een bepaald station verwijst.
est
« est » betekent hier « is » in « Le passage souterrain est souvent inondé ». Het verbindt de onderdoorgang met de toestand « inondé ». De vorm staat bij het enkelvoudige onderwerp « Le passage souterrain ».
souvent
« souvent » betekent hier « vaak » en geeft aan dat de onderdoorgang herhaaldelijk overstroomt. Het bepaalt de frequentie van « est inondé ». Je gebruikt het om te zeggen dat iets regelmatig, maar niet noodzakelijk altijd gebeurt.
inondé
« inondé » betekent hier « overstroomd » of « ondergelopen » in « est souvent inondé ». Het beschrijft de toestand van de onderdoorgang bij veel regen. Je gebruikt het na « être » om de toestand van een plaats of object te benoemen.
quand
« quand » betekent hier « wanneer » of « als » in « quand il pleut beaucoup ». Het leidt de omstandigheid in waaronder de onderdoorgang vaak overstroomt. Je gebruikt « quand » om een tijdstip of terugkerende omstandigheid te verbinden met een hoofdzin.
il
« il » betekent hier niet « hij », maar is het onpersoonlijke onderwerp in « il pleut beaucoup », dus « het regent hevig ». Het hoort bij het werkwoord voor regen. Je gebruikt deze vorm in Franse weersuitdrukkingen zonder naar een concrete persoon te verwijzen.
pleut
« pleut » betekent hier « regent » in de vaste weersuitdrukking « il pleut beaucoup ». Het beschrijft de regen als omstandigheid waardoor de onderdoorgang overstroomt. Je gebruikt « il pleut » om regen te melden en kunt er een hoeveelheid of intensiteit aan toevoegen.
beaucoup
« beaucoup » betekent hier « veel » en geeft in « il pleut beaucoup » aan dat het hevig regent. Het bepaalt de hoeveelheid of intensiteit van de regen. Je gebruikt « beaucoup » ook bij werkwoorden om een grote hoeveelheid of sterke mate uit te drukken.
Prends
« Prends » betekent hier « neem » in het advies « Prends plutôt la route principale ». De vorm is een gebiedende wijs van « prendre » en krijgt « la route principale » als object. Je gebruikt dit patroon om iemand een bepaalde route of optie aan te raden.
plutôt
« plutôt » betekent hier « liever » of « in plaats daarvan » en stuurt de keuze naar de hoofdweg: « Prends plutôt la route principale ». Het contrasteert deze route met de eerder genoemde onderdoorgang. Je gebruikt « plutôt » om een voorkeur of alternatief aan te geven.
route
« route » betekent hier « weg » of « route » in « la route principale ». Het is de alternatieve weg die de reiziger moet nemen. Je gebruikt het met een bijvoeglijk naamwoord of bepaling om een specifieke route te onderscheiden.
principale
« principale » betekent hier « hoofd- » of « belangrijkste » en beschrijft « la route ». « La route principale » is de hoofdweg die als alternatief wordt aanbevolen. Je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord om de voornaamste optie binnen een groep aan te duiden.
même
« même » betekent hier « zelfs » in « même si cela prend un peu plus de temps ». Het benadrukt dat het advies ook geldt wanneer de alternatieve route langer duurt. Je gebruikt « même si » om een omstandigheid te noemen die de hoofdgedachte niet verandert.
cela
« cela » betekent hier « dat » en verwijst in « cela prend un peu plus de temps » naar het nemen van de hoofdweg. Het is het onderwerp van de mededeling over de extra reistijd. Je gebruikt « cela » om naar een eerder genoemde handeling, situatie of gevolg te verwijzen.
prend
« prend » betekent hier « kost » in « cela prend un peu plus de temps ». Het werkwoord beschrijft hoeveel tijd de genoemde route in beslag neemt. Je gebruikt « prendre » met een tijdsduur in een patroon waarin een activiteit of route tijd in beslag neemt.
un
« un » betekent hier « een » in de hoeveelheid « un peu de temps ». Het maakt deel uit van de vaste uitdrukking voor een kleine hoeveelheid. Je gebruikt « un peu de » vóór een niet-telbare hoeveelheid, zoals tijd.
peu
« peu » betekent hier « een beetje » in « un peu plus de temps ». Het geeft aan dat de extra tijd beperkt is. Je gebruikt « un peu de » met een hoeveelheid en « un peu plus de » om een kleine toename aan te duiden.
temps
« temps » betekent hier « tijd » in « un peu plus de temps ». Het benoemt de hoeveelheid die de alternatieve route extra kost. Je gebruikt « prendre du temps » of « prendre plus de temps » om de benodigde tijd voor een handeling of route te beschrijven.
Est-ce
« Est-ce » maakt hier deel uit van de vraaginleiding « Est-ce qu'une housse imperméable aiderait... ». De constructie maakt van de zin een directe vraag zonder de woordvolgorde van een gewone mededeling te veranderen. Je gebruikt « Est-ce que » om op een duidelijke, neutrale manier een ja-neevraag in te leiden.
qu'une
« qu'une » hoort bij de vraagconstructie « Est-ce qu'une housse imperméable aiderait... ». Het bestaat hier uit « que » vóór « une » en leidt het onderwerp van de vraag in: een waterdichte hoes. Je gebruikt deze vorm na « Est-ce » wanneer het volgende woord met het onbepaalde lidwoord « une » begint.
housse
« housse » betekent hier « hoes » in « une housse imperméable ». Het verwijst naar de beschermende hoes die de laptop tegen water kan beschermen. Je gebruikt het voor een omhulsel dat om een voorwerp heen wordt gedaan.
aiderait
« aiderait » betekent hier « zou helpen » in de voorzichtige vraag « aiderait à protéger ». De vorm maakt de vraag hypothetisch: de spreker vraagt of de hoes bescherming zou bieden. Je gebruikt « aider à » met een infinitief om te beschrijven dat iets helpt om een doel te bereiken.
à
« à » betekent hier « om te » in « aiderait à protéger ». Het verbindt « aiderait » met de handeling die door de hoes mogelijk wordt gemaakt. Je gebruikt « aider à » gevolgd door een infinitief om het doel of de ondersteunde handeling te noemen.
protéger
« protéger » betekent hier « beschermen » in « aiderait à protéger mon ordinateur portable ». Het benoemt het doel van het gebruik van de hoes. Je gebruikt « protéger » met een object om te zeggen waartegen iemand of iets wordt beschermd.
ordinateur
« ordinateur » betekent hier « computer » in « mon ordinateur portable ». Het is het voorwerp dat de spreker tegen water wil beschermen. Je gebruikt het met « portable » om specifiek naar een laptop te verwijzen.
portable
« portable » betekent hier « draagbaar » en maakt in « ordinateur portable » de betekenis « laptop » duidelijk. Het beschrijft het soort computer waarover de spreker praat. Je gebruikt het na « ordinateur » om een draagbare computer van andere computers te onderscheiden.
Utilise-en
« Utilise-en » betekent hier « gebruik er een » en verwijst naar de eerder genoemde hoes. « Utilise » is het advies « gebruik » en « en » vervangt de hoes binnen dezelfde constructie. Je gebruikt « en » in een gebiedende zin om te verwijzen naar een eerder genoemd voorwerp met « een » of « enkele ».
parce
« parce » maakt deel uit van het redengevende voegwoord « parce que », dat hier « omdat » betekent. Het leidt de reden in waarom een hoes nuttig is. Je gebruikt « parce que » vóór een volledige bijzin die de reden voor een uitspraak of advies geeft.
retards
« retards » betekent hier « vertragingen » in « les retards sont frustrants ». Het verwijst naar vertragingen tijdens de reis. Je gebruikt het in een zin met « être » en een bijvoeglijk naamwoord om te zeggen hoe vertragingen worden ervaren.
frustrants
« frustrants » betekent hier « frustrerend » en beschrijft « les retards ». Het geeft de negatieve ervaring van vertragingen tijdens de reis weer. Je gebruikt het na « être » of direct bij een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat iets frustratie veroorzaakt.
matériel
« matériel » betekent hier « apparatuur » en verwijst naar de werkspullen, waaronder de laptop. In « le matériel endommagé » gaat het om apparatuur die door de omstandigheden beschadigd kan raken. Je gebruikt het voor uitrusting of werkmateriaal als geheel.
endommagé
« endommagé » betekent hier « beschadigd » in « le matériel endommagé ». Het beschrijft apparatuur die schade heeft opgelopen. Je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord of na « être » om de toestand van een voorwerp te beschrijven.
c'est
« c'est » betekent hier « dat is » in « le matériel endommagé, c'est pire ». Het presenteert een beoordeling van beschadigde apparatuur als erger dan vertragingen. Je gebruikt « c'est » om een zaak te benoemen en er vervolgens een beoordeling of beschrijving aan te koppelen.
pire
« pire » betekent hier « erger » in « c'est pire ». Het vergelijkt beschadigde apparatuur met de eerder genoemde frustrerende vertragingen en beoordeelt de schade als ernstiger. Je gebruikt « pire » om een negatievere of ernstigere situatie aan te duiden.
m'assurerai
« m'assurerai » betekent hier « ik zal ervoor zorgen » in « je m'assurerai que la batterie... ». De vorm verwijst naar de toekomstige handeling van de spreker en bevat « m' », dat terugwijst naar de spreker in de uitdrukking « s'assurer que ». Je gebruikt « s'assurer que » om te zeggen dat je controleert of ervoor zorgt dat een toestand of feit klopt.
batterie
« batterie » betekent hier « batterij » in « la batterie de mon téléphone ». Het benoemt het onderdeel waarvan de lading vóór vertrek wordt gecontroleerd. Je gebruikt het met « de » om te zeggen van welk apparaat de batterij is.
téléphone
« téléphone » betekent hier « telefoon » in « mon téléphone ». Het is het apparaat waarvan de batterij vol moet zijn. Je gebruikt « la batterie de » gevolgd door een apparaat om de bijbehorende batterij te benoemen.
pleine
« pleine » betekent hier « vol » in « la batterie ... est pleine ». Het beschrijft dat de batterij volledig geladen is. Je gebruikt « plein » of de passende vorm met « être » om aan te geven dat een batterij of andere capaciteit gevuld is.
Ensuite
« Ensuite » betekent hier « daarna » of « vervolgens » en geeft aan wat er na het opladen van de telefoon mogelijk is. Het verbindt de voorbereiding met het controleren van updates. Je gebruikt het aan het begin van een zin om de volgende stap in een reeks aan te duiden.
pourras
« pourras » betekent hier « zult kunnen » in « tu pourras vérifier ». De vorm beschrijft een mogelijkheid die de aangesprokene daarna zal hebben en wordt gevolgd door het infinitief « vérifier ». Je gebruikt « pouvoir » met een infinitief om een toekomstige mogelijkheid of gelegenheid uit te drukken.
vérifier
« vérifier » betekent hier « controleren » of « nakijken » in « tu pourras vérifier les mises à jour ». Het benoemt de handeling die de aangesprokene kan uitvoeren wanneer de route verandert. Je gebruikt « vérifier » met een object, zoals informatie, een status of updates.
mises
« mises » maakt deel uit van de uitdrukking « les mises à jour », die hier « updates » betekent. Binnen die uitdrukking draagt het bij aan de naam van de informatie die je kunt controleren; het hoort bij « à jour ». Je gebruikt « vérifier les mises à jour » om nieuwe of gewijzigde informatie na te kijken.
jour
« jour » maakt deel uit van de vaste uitdrukking « les mises à jour », die hier « updates » betekent. In deze uitdrukking verwijst het niet zelfstandig naar een dag, maar naar bijgewerkte informatie. Je gebruikt « mise à jour » of « mises à jour » voor een update van informatie, software of een status.
change
« change » betekent hier « verandert » in « si l'itinéraire change ». Het beschrijft een wijziging van de route als voorwaarde voor het controleren van updates. Je gebruikt « changer » met een onderwerp zoals een route, plan of situatie wanneer dat onderwerp anders wordt.