Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Reistassen controleren voor vertrek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
Il faut faire une dernière vérification de nos sacs de voyage avant de partir.
il fo fèr uun dernjèr veerifikasjõ uh no sak uh vwaajazj avan uh partier Onze reistassen moeten nog een laatste controle krijgen voordat we vertrekken.Commence par les affaires dont tu as besoin pendant le voyage.
komãs par le zãfèr don tu aa buhzwèn pãdã luh vwaajazj Begin met de spullen die je tijdens de reis nodig hebt.J'ai mes clés, mes médicaments et un vêtement chaud.
zjee mee klee, mee meedikamã ee uhn vètmã sjoo Ik heb mijn sleutels, medicijnen en een warme kledinglaag bij me.Est-ce que les encas et l'eau sont faciles à prendre ?
ès kuh le zãkaa ee loo sõ fasil aa prãdr Zijn de snacks en het water makkelijk te pakken?Ils sont dans la poche latérale.
il sõ dã la posj lateeraal Ze zitten in het zijvak.Et les chargeurs et les petits objets de confort ?
ee lee sjarzjeur ee lee puhtee zobjè duh kõfoor En de opladers en de kleine dingen voor comfort?Je les ai rangés ensemble pour pouvoir les trouver facilement.
zjuh lee-zee rãzjee ãsãbl poer poewaar lee troevee fasilmã Ik heb ze samen ingepakt, zodat ik ze makkelijk kan vinden.Ça devrait rendre le voyage plus calme si les plans changent.
sa duhvrè rãdr luh vwaajazj pluu kalm sie lee plã sjãzj Dat zou de reis rustiger moeten maken als de plannen veranderen.J'ai aussi laissé de la place pour tout ce que nous pourrions prendre en chemin.
zjee oosie lèssee duh la plass poer too suh kuh noo poerjõ prãdr ã sjuhmèn Ik heb ook extra ruimte vrijgelaten voor alles wat we onderweg zouden meenemen.Alors, nous devrions pouvoir partir de la gare sans refaire nos bagages.
aloor noo duhvrjõ poewaar partier duh la gaar sã ruhfèr no bagazj Dan zouden we van het station moeten kunnen vertrekken zonder alles opnieuw in te pakken.Uitleg van de zinnen
Il faut faire une dernière vérification de nos sacs de voyage avant de partir.
Onze reistassen moeten nog een laatste controle krijgen voordat we vertrekken.
- Il faut
- het is nodig; je moet
- faire
- doen; maken
- dernière
- laatste
- vérification
- controle
- sacs de voyage
- reistassen
- avant de partir
- voordat je vertrekt
Uitgebreide uitleg
Il faut drukt een algemene noodzaak uit: “het is nodig” of, in deze context, “je moet”. Il is hier geen verwijzing naar een bepaald mannelijk zelfstandig naamwoord; in deze onpersoonlijke constructie blijft het een vast grammaticaal onderwerp. De vorm faut hoort bij het werkwoord falloir, waarvan dit de tegenwoordige tijd is. Een bruikbaar patroon is il faut + infinitief: Il faut vérifier les sacs. — “Je moet de tassen controleren.” faire betekent hier “doen” en staat in de infinitief na il faut. Samen met une vérification vormt het faire une vérification: “een controle uitvoeren”. De infinitief verandert niet mee met de persoon. Bijvoorbeeld: Il faut faire attention. — “Je moet opletten.” dernière betekent hier “laatste”. Het is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord dernier, omdat het bij het vrouwelijke enkelvoud vérification hoort. De basisvormen zijn dernier (mannelijk enkelvoud), dernière (vrouwelijk enkelvoud), derniers (mannelijk meervoud) en dernières (vrouwelijk meervoud). De betekenis is hier dat het om de laatste controle gaat, niet om een eerdere controle. vérification is een vrouwelijke zelfstandige naamwoordsvorm voor “controle” of “nakijken”. Het werkwoord dat erbij hoort is vérifier, “controleren”. In une dernière vérification betekent une “een” als onbepaald lidwoord; op zichzelf stelt dat geen specifiek aantal controles vast. Bijvoorbeeld: Je fais une vérification rapide. — “Ik voer een snelle controle uit.” nos sacs de voyage betekent “onze reistassen”. sacs is het meervoud van sac, “tas”; nos is het bezittelijk woord voor “onze” bij een meervoudig zelfstandig naamwoord. de voyage specificeert het soort tassen: tassen voor een reis. In nos wordt niet het geslacht van sacs uitgedrukt; bij meervoud gebruikt het Frans dezelfde vorm voor mannelijke en vrouwelijke zelfstandige naamwoorden. Bijvoorbeeld: Nos sacs sont prêts. — “Onze tassen zijn klaar.” avant de partir betekent “voordat we vertrekken”. avant de wordt gevolgd door een infinitief wanneer dezelfde handelende partij bij beide handelingen bedoeld is. partir is de infinitief “vertrekken”; de vervoegde vorm in de tegenwoordige tijd is bijvoorbeeld nous partons — “wij vertrekken”. In deze zin verwijst we in de vaste vertaling naar de groep die ook de tassen controleert. Bijvoorbeeld: Ferme la porte avant de partir. — “Sluit de deur voordat je vertrekt.” De volledige opbouw is: Il faut + faire + une dernière vérification + de nos sacs de voyage + avant de partir. Samen betekent dit: “Onze reistassen moeten nog een laatste controle krijgen voordat we vertrekken.” De Franse zin formuleert dat als een noodzakelijke handeling: er moet nog één laatste controle van onze reistassen worden uitgevoerd vóór het vertrek.
Commence par les affaires dont tu as besoin pendant le voyage.
Begin met de spullen die je tijdens de reis nodig hebt.
- Commence par
- begin met
- affaires
- spullen
- dont tu as besoin
- die je nodig hebt
- pendant
- tijdens
- voyage
- reis
Uitgebreide uitleg
Commence par is een aansporing aan één aangesproken persoon: commence is de impératif van commencer (beginnen), voor tu. Par geeft hier aan waarmee je moet beginnen. Een bruikbaar patroon is Commence par + zelfstandig naamwoord — “Begin met + zelfstandig naamwoord”. affaires betekent hier “spullen”. Het is het meervoud van affaire, een vrouwelijk zelfstandig naamwoord. In andere contexten kan affaire ook “zaak” of “aangelegenheid” betekenen; hier gaat het om spullen die tijdens de reis nodig zijn. dont tu as besoin betekent “die je nodig hebt”. Dont vervangt in een betrekkelijke bijzin een constructie met de: avoir besoin de quelque chose betekent “iets nodig hebben”. Daarom staat hier dont ... as besoin, zonder nogmaals de vóór dont. As is de tegenwoordige tijd van avoir bij tu; het basiswerkwoord is avoir. Voorbeeld: J'ai besoin d'un stylo. — “Ik heb een pen nodig.” In een betrekkelijke bijzin wordt dat bijvoorbeeld le stylo dont j'ai besoin — “de pen die ik nodig heb”. pendant is een voorzetsel voor een periode waarin iets gebeurt: “tijdens” of “gedurende”. Het kan gevolgd worden door een zelfstandig naamwoord, zoals in pendant le voyage — “tijdens de reis”. voyage betekent “reis”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; in deze zin staat het enkelvoud met le. Het meervoud is voyages. Samen betekent Commence par les affaires dont tu as besoin pendant le voyage: “Begin met de spullen die je tijdens de reis nodig hebt.” De hoofdzin geeft een opdracht. dont tu as besoin bepaalt welke spullen bedoeld zijn, en pendant le voyage geeft aan tijdens welke periode ze nodig zijn.
J'ai mes clés, mes médicaments et un vêtement chaud.
Ik heb mijn sleutels, medicijnen en een warme kledinglaag bij me.
- J'ai
- ik heb
- clés
- sleutels
- médicaments
- medicijnen
- vêtement
- kledingstuk
- chaud
- warm
Uitgebreide uitleg
J'ai is de vaste vorm van je + ai: ai is de eerste persoon enkelvoud van avoir in de tegenwoordige tijd. In deze zin betekent de combinatie dat de spreker de genoemde spullen bij zich heeft. Een bruikbaar patroon is J'ai + zelfstandig naamwoord: J'ai un billet. — Ik heb een kaartje. clés betekent hier sleutels. Het is het meervoud van clé; het bezittelijk woord mes maakt duidelijk dat het om de sleutels van de spreker gaat. Mes wordt gebruikt bij een meervoudig zelfstandig naamwoord, ongeacht het grammaticale geslacht: mes clés, maar ook mes médicaments. médicaments is het meervoud van médicament, een geneesmiddel of medicijn. De vorm op -s markeert hier het meervoud; die slot-s wordt in het Frans doorgaans niet uitgesproken. Het patroon mes + meervoudig zelfstandig naamwoord is opnieuw zichtbaar in mes médicaments. vêtement betekent een kledingstuk of kledingitem. Het staat in het enkelvoud na het onbepaalde lidwoord un, dat hier een niet nader gespecificeerd kledingstuk introduceert; het drukt op zichzelf geen bepaald aantal uit. Un vêtement betekent dus “een kledingstuk”. chaud betekent hier warm en beschrijft vêtement. Het bijvoeglijk naamwoord staat in de mannelijke enkelvoudsvorm, omdat vêtement mannelijk en enkelvoudig is. De vorm verandert bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une veste chaude — een warme jas. Het relevante contrast is dus chaud / chaude, niet een verandering van het zelfstandig naamwoord vêtement. De delen worden verbonden door et: de spreker noemt achter elkaar de eigen sleutels, de eigen medicijnen en een warm kledingstuk. Samen betekent J'ai mes clés, mes médicaments et un vêtement chaud.: “Ik heb mijn sleutels, medicijnen en een warme kledinglaag bij me.” De opsomming geeft aan welke spullen de spreker bij zich heeft; de bezittelijke vormen horen bij de eerste twee genoemde zelfstandige naamwoorden, en chaud hoort bij vêtement.
Est-ce que les encas et l'eau sont faciles à prendre ?
Zijn de snacks en het water makkelijk te pakken?
- Est-ce que
- vraaginleiding
- encas
- snacks
- l'eau
- het water
- sont
- zijn
- faciles
- makkelijk
- prendre
- pakken
Uitgebreide uitleg
Est-ce que is een vaste manier om in het Frans een gewone mededelende zin in een vraag te veranderen. Het draagt hier de vraagfunctie; de daaropvolgende woordvolgorde blijft grotendeels die van een mededeling. Voorbeeld: Est-ce que tu viens ? — Kom je? encas betekent hier een snack of iets kleins om te eten. Het zelfstandig naamwoord staat in het meervoud met les: les encas — de snacks. Het enkelvoud is un encas — een snack. l'eau betekent het water. De vorm l' is de verkorte vorm van het bepaalde lidwoord vóór een klinker: l'eau in plaats van la eau. eau is vrouwelijk, maar de elisie maakt het lidwoord zichtbaar als l'. Voorbeeld: Je bois de l'eau. — Ik drink water. sont is de derde persoon meervoud van être — zijn. Hier past het bij het meervoudige onderwerp les encas et l'eau: samen vormen die grammaticaal een meervoudig onderwerp. De relevante vormen zijn je suis, tu es, il/elle est, nous sommes, vous êtes, ils/elles sont. faciles betekent hier makkelijk om te pakken. Het bijvoeglijk naamwoord is facile; faciles is de meervoudsvorm. De uitgang -s wordt in deze vorm doorgaans niet uitgesproken. Omdat het onderwerp meervoudig is, staat het bijvoeglijk naamwoord in het meervoud. Voorbeeld: Ces sacs sont faciles à porter. — Deze tassen zijn makkelijk te dragen. prendre is de infinitief van pakken of nemen; in deze zin past de betekenis pakken het best. Na facile gebruikt het Frans de herbruikbare constructie facile à + infinitief: facile à prendre — makkelijk om te pakken. De infinitief verandert hier niet mee met de persoon. Voorbeeld: Ce livre est facile à lire. — Dit boek is makkelijk te lezen. Samen vormt Est-ce que les encas et l'eau sont faciles à prendre ? de vraag: Zijn de snacks en het water makkelijk te pakken? Het onderwerp is les encas et l'eau, sont verbindt dat onderwerp met de beschrijving faciles, en à prendre zegt welke handeling makkelijk is.
Ils sont dans la poche latérale.
Ze zitten in het zijvak.
- Ils sont
- ze zijn
- dans
- in
- poche
- zak
- latérale
- zijdelings; aan de zijkant
Uitgebreide uitleg
Ils sont bevat het onderwerp ils en de vorm sont van het werkwoord être (zijn). Ils is hier een voornaamwoord in het meervoud; de vorm wordt gebruikt voor een mannelijke of gemengde meervoudige groep. De concrete referent wordt in deze zin niet verder benoemd. Sont is de tegenwoordige tijd, derde persoon meervoud, van être: je suis, il/elle est, ils/elles sont. Voorbeeld: Ils sont ici. — Zij zijn hier. dans is een voorzetsel dat een plaats binnen een ruimte of voorwerp aangeeft: dans + een zelfstandig naamwoord betekent doorgaans ‘in’. Voorbeeld: Le livre est dans le sac. — Het boek zit in de tas. poche betekent hier ‘zak’ of ‘vak’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une poche, met het bepaalde lidwoord la poche. In deze zin gaat het om een vak dat deel uitmaakt van iets waarin voorwerpen kunnen zitten. latérale betekent hier ‘aan de zijkant’ of ‘zij-’. Het is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord latéral, omdat het bij poche hoort: la poche latérale. De mannelijke enkelvoudsvorm is latéral; bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord krijgt het bijvoeglijk naamwoord hier de vorm latérale. Samen vormen de delen Ils sont + dans + la poche latérale de betekenis: ‘Ze zitten in het zijvak.’ Dans la poche latérale geeft de plaats aan waar ze zich bevinden. De formulering is een gewone, neutrale manier om de locatie van meervoudige voorwerpen of personen te beschrijven.
Et les chargeurs et les petits objets de confort ?
En de opladers en de kleine dingen voor comfort?
- chargeurs
- opladers
- petits
- kleine
- objets
- voorwerpen
- confort
- comfort
Uitgebreide uitleg
chargeurs betekent hier “opladers”. Het is het meervoud van het mannelijke zelfstandig naamwoord chargeur; het enkelvoud is un chargeur en het meervoud des chargeurs. Een chargeur is een apparaat of accessoire waarmee je een ander apparaat oplaadt. Voorbeeld: J’ai deux chargeurs. — “Ik heb twee opladers.” petits betekent hier “kleine”. Dit is de mannelijke meervoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord petit: petit (mannelijk enkelvoud), petite (vrouwelijk enkelvoud), petits (mannelijk meervoud), petites (vrouwelijk meervoud). Petits stemt hier overeen met objets, dat mannelijk meervoud is. Voorbeeld: de petits sacs — “kleine tassen”; bij een vrouwelijk meervoud staat petites, zoals in de petites boîtes — “kleine doosjes”. objets betekent hier “voorwerpen” of “dingen”. Het is het meervoud van het mannelijke zelfstandig naamwoord objet: un objet, des objets. In objets de confort verbindt de confort dit zelfstandig naamwoord met het doel of de functie: het gaat om kleine dingen voor comfort. Voorbeeld: Ces objets sont utiles. — “Deze voorwerpen zijn nuttig.” confort betekent “comfort”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: le confort. In de confort staat het zonder lidwoord na de; samen met objets betekent dit “voorwerpen voor comfort”. Voorbeeld: Le confort est important. — “Comfort is belangrijk.” Samen vormen de woorden de korte vraag Et les chargeurs et les petits objets de confort ?: “En de opladers en de kleine dingen voor comfort?” Het eerste et voegt deze vermelding toe aan de eerdere opsomming of bespreking. Het tweede et verbindt les chargeurs met les petits objets de confort. Les is in beide gevallen het meervoudige bepaalde lidwoord. De vraag is elliptisch: het werkwoord ontbreekt, zodat de precieze vraagfunctie uit de context komt; hier worden deze twee soorten spullen aan de eerdere bespreking toegevoegd.
Je les ai rangés ensemble pour pouvoir les trouver facilement.
Ik heb ze samen ingepakt, zodat ik ze makkelijk kan vinden.
- Je les ai
- ik heb ze
- rangés
- opgeborgen / ingepakt
- ensemble
- samen
- pour pouvoir
- om te kunnen
- trouver
- vinden
- facilement
- gemakkelijk
Uitgebreide uitleg
Je les ai betekent hier “ik heb ze”. Je is het onderwerp “ik”; les is een lijdendvoorwerpspronomen voor meervoud, zonder dat deze vorm zelf het geslacht van de bedoelde personen of dingen toont. Ai is de vorm van avoir bij je en vormt hier samen met het voltooid deelwoord de passé composé. Rangés komt van ranger, “opbergen, ordenen”. In deze zin gaat het om de dingen opbergen; de vertaling “ingepakt” geeft die bedoelde handeling weer. Het voltooid deelwoord staat na avoir, maar krijgt in deze constructie een uitgang omdat het voorafgaande directe object les is: rangés is meervoud en de vorm toont hier bovendien mannelijke of gemengde overeenkomst. De vorm van het werkwoord is dus niet gebaseerd op het naburige Je, maar op het voorafgaande les. Zonder verdere informatie hoeft daaruit niet te worden afgeleid welke concrete dingen les aanduidt. Ensemble is een bijwoord en betekent “samen”: de bedoelde dingen zijn samen opgeborgen, niet afzonderlijk. Een bruikbaar contrast is ensemble tegenover séparément (“afzonderlijk”), wanneer beide woorden in de context passen. Pour pouvoir drukt een doel uit: “om te kunnen”. Pour wordt hier gevolgd door een infinitiefconstructie; pouvoir is zelf een infinitief. Het patroon is pour pouvoir + infinitief, bijvoorbeeld: Je pars tôt pour pouvoir travailler. — “Ik vertrek vroeg om te kunnen werken.” Trouver betekent “vinden”. Na pouvoir blijft het werkwoord in de infinitief: pouvoir trouver betekent “kunnen vinden”. In deze zin staat het lijdendvoorwerpspronomen les opnieuw vóór het vervoegde werkwoord in les trouver; het verwijst naar hetzelfde niet nader gespecificeerde meervoudige object als eerder. Facilement betekent “gemakkelijk” of “makkelijk”. De uitgang -ment vormt hier een bijwoord bij het bijvoeglijk naamwoord facile; het zegt hoe het vinden gebeurt. Het hoort dus bij trouver, niet bij pouvoir. Samen bouwen de delen de betekenis op: Je les ai rangés ensemble = “ik heb ze samen opgeborgen/ingepakt”, en pour pouvoir les trouver facilement = “om ze makkelijk te kunnen vinden”. De volledige vaste betekenis is: “Ik heb ze samen ingepakt, zodat ik ze makkelijk kan vinden.”
Ça devrait rendre le voyage plus calme si les plans changent.
Dat zou de reis rustiger moeten maken als de plannen veranderen.
- Ça devrait
- dat zou moeten
- rendre
- maken
- voyage
- reis
- plus calme
- rustiger
- si
- als
- plans
- plannen
- changent
- veranderen
Uitgebreide uitleg
Ça devrait betekent hier “dat zou moeten”. Ça is een aanwijzend voornaamwoord: het verwijst naar een situatie of zaak, maar de zin identificeert niet precies waarnaar. Devrait is de conditionnel présent van devoir; de basisvorm is devoir. In deze combinatie drukt het een verwachting of waarschijnlijk gevolg uit: “zou moeten”. Rendre betekent “maken” in de betekenis “iets in een bepaalde toestand brengen”. Het is een infinitief. Een herbruikbaar patroon is rendre quelque chose + bijvoeglijk naamwoord: iets [bijvoeglijk naamwoord] maken. Voorbeeld: Cette musique rend la pièce plus agréable. — “Deze muziek maakt de kamer aangenamer.” Voyage betekent hier “reis”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; met het lidwoord uit de zin vormt het le voyage, “de reis”. Het meervoud is les voyages. Plus calme betekent “rustiger”. Calme is de basisvorm; plus calme is de vergrotende trap, letterlijk “meer rustig”. Het bijvoeglijk naamwoord beschrijft hier le voyage, niet het werkwoord rendre. Voorbeeld: Le trajet est plus calme le matin. — “De reis is ’s ochtends rustiger.” Si betekent hier “als” en leidt een voorwaardelijke bijzin in. In deze zin staat na si de tegenwoordige tijd, terwijl de hoofdzin devrait in de conditionnel gebruikt. Dit patroon kan een verwachte uitkomst bij een voorwaarde uitdrukken: Ça devrait aller si tu changes le plan. — “Het zou goed moeten gaan als je het plan verandert.” Plans betekent “plannen”. Het is het meervoud van het mannelijke zelfstandig naamwoord plan; het lidwoord in de zin is les, dus les plans betekent “de plannen”. Changent betekent hier “veranderen”. Het is de vorm van changer in de tegenwoordige tijd voor de derde persoon meervoud: ils/elles changent. De uitgang -ent wordt in deze vorm niet uitgesproken. Voorbeeld: Les plans changent parfois. — “De plannen veranderen soms.” Samen vormt Ça devrait rendre le voyage plus calme de betekenis “Dat zou de reis rustiger moeten maken”. De bijzin si les plans changent voegt de voorwaarde “als de plannen veranderen” toe. De volledige betekenis is dus: “Dat zou de reis rustiger moeten maken als de plannen veranderen.”
J'ai aussi laissé de la place pour tout ce que nous pourrions prendre en chemin.
Ik heb ook extra ruimte vrijgelaten voor alles wat we onderweg zouden meenemen.
- J'ai
- ik heb
- aussi
- ook
- laissé
- achtergelaten
- place
- ruimte
- tout ce que
- alles wat
- pourrions
- zouden kunnen
- prendre
- meenemen
- en chemin
- onderweg
Uitgebreide uitleg
J'ai is de verkorte combinatie van je en ai, de vorm van avoir voor ik. Samen met het volgende voltooid deelwoord vormt het de passé composé: j'ai laissé = “ik heb vrijgelaten”. aussi betekent hier “ook” en voegt deze handeling toe aan andere informatie. laissé is het voltooid deelwoord van laisser (“laten”, “achterlaten” of “vrijlaten”). In deze zin betekent j'ai laissé dat de spreker ruimte beschikbaar heeft gehouden. De vorm laissé verandert hier niet mee met place; het hulpwerkwoord ai draagt de persoon aan. place is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord. In de la place betekent het “ruimte”: laisser de la place is een bruikbare combinatie voor “ruimte vrijlaten”. De la drukt hier een niet-afgebakende hoeveelheid uit, niet een exact aantal. tout ce que is een vaste relatieve combinatie: “alles wat”. Tout verwijst hier naar het geheel van de dingen die daarna worden omschreven. Na ce que volgt een bijzin; que is daarin het element dat de betrekking met het werkwoord aangeeft. pourrions is de nous-vorm van de conditionnel présent van pouvoir (“kunnen”): pouvoir → nous pourrions = “wij zouden kunnen”. De conditionnel maakt de mogelijkheid hier afhankelijk of voorwaardelijk van aard, niet zeker. prendre is de infinitief van “nemen”. In deze context betekent prendre samen met de bedoelde bagage of spullen “meenemen”. Na pourrions staat de infinitief: nous pourrions prendre = “wij zouden kunnen meenemen”. en chemin is een vaste uitdrukking voor “onderweg”, dus tijdens de route. Ze bepaalt wanneer of waar het meenemen zou plaatsvinden; ze betekent hier niet “een weg nemen”. De delen bouwen samen de zin op: J'ai aussi laissé de la place = “Ik heb ook extra ruimte vrijgelaten”; pour tout ce que nous pourrions prendre = “voor alles wat we zouden kunnen meenemen”; en en chemin = “onderweg”. Het geheel betekent: “Ik heb ook extra ruimte vrijgelaten voor alles wat we onderweg zouden meenemen.”
Alors, nous devrions pouvoir partir de la gare sans refaire nos bagages.
Dan zouden we van het station moeten kunnen vertrekken zonder alles opnieuw in te pakken.
- Alors
- dan
- nous devrions pouvoir
- we zouden moeten kunnen
- partir
- vertrekken
- gare
- station
- sans
- zonder
- refaire
- opnieuw doen of maken
- bagages
- bagage
Uitgebreide uitleg
Alors betekent hier “dan” en leidt de gevolgtrekking in. Het kan afhankelijk van de context ook “dus” of “nou” betekenen; in deze zin past de gevolgtrekkende lezing. nous devrions pouvoir combineert twee werkwoorden. devrions is de vorm van devoir voor nous in de conditionnel présent: “we zouden moeten”. Daarna staat pouvoir in de infinitief: “kunnen”. Samen drukt de vorm een verwachte of redelijke mogelijkheid uit, niet absolute zekerheid. Vergelijk: Nous devons partir = “We moeten vertrekken” tegenover Nous devrions pouvoir partir = “We zouden moeten kunnen vertrekken”. partir is de infinitief “vertrekken”. Na pouvoir blijft het volgende werkwoord in de infinitief: pouvoir partir = “kunnen vertrekken”. Voorbeeld: Vous pouvez entrer. = “U kunt binnenkomen.” gare is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une gare, “een station”; met het bepaalde lidwoord wordt dat la gare. In de la gare betekent het geheel “van het station”. Het grammaticale geslacht hoort bij gare, niet bij de. sans betekent “zonder”. Voor een werkwoord staat daarna vaak een infinitief: sans attendre = “zonder te wachten”. In deze zin heeft die infinitief dezelfde begrepen handelende partij als de hoofdzin: nous, dus “zonder dat wij ...”. refaire betekent hier “opnieuw inpakken” in combinatie met nos bagages. Het is de infinitief van refaire, gevormd met re- bij faire; re- geeft hier herhaling aan. Faire op zichzelf betekent “doen/maken”, maar refaire betekent “opnieuw doen/maken”. Voorbeeld: Je dois refaire le travail. = “Ik moet het werk opnieuw doen.” bagages is het meervoud van bagage, “bagage”. In deze zin verwijst nos bagages naar “onze bagage”; nos maakt duidelijk dat die bagage bij nous hoort. Het meervoud staat in het Frans ook vaak voor bagage als verzameling van meerdere tassen of bezittingen. Samen vormen Alors, nous devrions pouvoir partir de la gare en sans refaire nos bagages de betekenis: “Dan zouden we van het station moeten kunnen vertrekken zonder alles opnieuw in te pakken.” De la gare geeft het vertrekpunt aan; sans refaire nos bagages geeft aan wat daarbij niet nodig zou moeten zijn.
Grammatica
Il faut + infinitif
Il faut partir.
il fo partierWe moeten vertrekken.
‘Il faut’ betekent ‘het is nodig’ of ‘moeten’ en wordt gevolgd door een infinitief.
Nous pourrions + infinitif
Nous pourrions refaire les bagages.
noo poerjõ ruhfèr lee bagazjWe zouden de bagage opnieuw kunnen inpakken.
‘Pourrions’ is de conditionnel van pouvoir en drukt een mogelijkheid of voorstel uit.
Frans woordenschat
un vêtement chaud
une dernière vérification
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Ze zitten in het zijvak.
Antwoord tonen
Ils sont dans la poche latérale.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
reis
Antwoord tonen
voyagebeginnen
Antwoord tonen
Commencemedicijn
Antwoord tonen
médicamentssleutel