Een eerlijke oplossing voor een dubbele reservering | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a shared office, two adults plan how to resolve a double-booked meeting room with a brief use request and a fair compromise..

NL → FR / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een eerlijke oplossing voor een dubbele reservering oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

La salle de réunion est réservée deux fois dans le calendrier du bureau partagé.

La sal duh ghay-uu-njon è ghay-zèr-vay deuh fwa dan luh ka-lan-dghie-jee duu buu-ghoo par-ta-zjee. De vergaderruimte staat twee keer geboekt in de agenda van het gedeelde kantoor.
B

Pour qui est-ce le plus urgent ?

Poegh kie ès luh pluu-zuu-gh-zjan? Voor wie is het het meest dringend?
A

J’ai un appel privé avec un client.

Zjee uhn na-pèl prie-vee a-vèk uhn klie-an. Ik heb een privégesprek met een klant.
A

Mais quelqu’un d’autre l’a réservée pour travailler seul.

Mè kèl-keun dotgh la ghay-zèr-vee poegh tgha-va-jee seul. Maar iemand anders heeft hem geboekt om alleen te werken.
B

Demande alors si cette personne peut te laisser l’utiliser brièvement.

Duh-man-d a-logh sie set pègh-son peuh tuh lès-say luu-tee-lee-zay brie-èv-man. Vraag dan of die persoon je de ruimte even kan laten gebruiken.
A

Je ne veux pas donner l’impression que ma tâche est plus importante.

Zjuh nuh veuh pa do-nee lan-près-sjon kuh ma tasj è pluu-zan-po-gh-tant. Ik wil niet klinken alsof mijn taak belangrijker is.
B

Propose un compromis, par exemple utiliser la salle pour l’appel et partir juste après.

Pgho-pooz uhn kom-pgho-mie, pagh eg-zanpl, uu-tee-lee-zay la sal poegh la-pèl ee pagh-tiegh zjuust a-pghè. Bied een compromis aan, bijvoorbeeld door de ruimte voor het gesprek te gebruiken en meteen daarna weg te gaan.
A

Ça me semble juste. Je peux aussi aider cette personne à trouver un autre espace de travail.

Sa muh sanbl zjuust. Zjuh peuh o-sie ee-day set pègh-son aa tghoe-vay uhn notgh ès-pas duh tgha-vaj. Dat voelt eerlijk. Ik kan die persoon ook helpen een andere werkplek te vinden.
B

Cela montre que tu respectes aussi sa réservation.

Suh-la mon-tgh kuh ghuh-spèkt o-sie sa ghay-zèr-va-sjon. Daarmee laat je zien dat je hun reservering ook respecteert.
A

Je peux lui envoyer un message maintenant et lui expliquer la situation.

Zjuh peuh lwie an-vwa-jee uhn me-sa-zj man-tuh-nan ee lwie èks-plee-kay la sie-tuu-aa-sjon. Ik kan die persoon nu een bericht sturen en de situatie uitleggen.
B

Garde le message bref et propose ce compromis.

Ga-ghd luh me-sa-zj brèf ee pgho-pooz suh kom-pgho-mie. Houd het bericht kort en stel dat compromis voor.

Uitleg van de zinnen

  1. La salle de réunion est réservée deux fois dans le calendrier du bureau partagé.

    De vergaderruimte staat twee keer geboekt in de agenda van het gedeelde kantoor.

    salle
    ruimte
    réunion
    vergadering
    réservée
    gereserveerd; geboekt
    deux fois
    twee keer
    calendrier
    agenda; kalender
    bureau
    kantoor
    partagé
    gedeeld
    Uitgebreide uitleg

    salle betekent hier ‘ruimte/zaal’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une salle, la salle. In salle de réunion verbindt de het hoofdwoord met het doel of type: letterlijk een ruimte voor vergaderingen. réunion is hier het zelfstandig naamwoord ‘vergadering’; het meervoud is réunions. réservée betekent hier dat de ruimte geboekt of gereserveerd is. De vorm hoort bij salle: vrouwelijk enkelvoud, daarom réservée met -e. Het werkwoord is réserver; een mannelijke enkelvoudige vorm zou bijvoorbeeld réservé zijn. In deze zin beschrijft de vorm een toestand die door een boeking is ontstaan. Voorbeeld: La salle est réservée. — ‘De ruimte is gereserveerd.’ deux fois betekent ‘twee keer’. Het geeft aan hoe vaak de boeking voorkomt. fois is het zelfstandig naamwoord ‘keer’; na een telwoord staat het hier in het meervoud. Voorbeeld: Le cours a lieu deux fois. — ‘De cursus vindt twee keer plaats.’ calendrier betekent ‘kalender’ of, in deze context, ‘agenda’. Het is mannelijk: un calendrier, le calendrier. Met dans vormt het dans le calendrier: ‘in de agenda/kalender’. du in du bureau is de samentrekking van de le en betekent hier ‘van het kantoor’. bureau betekent hier ‘kantoor’. Het is mannelijk: un bureau, le bureau. In du bureau partagé wordt het kantoor nader omschreven door partagé. partagé betekent ‘gedeeld’. Dit bijvoeglijk naamwoord staat bij bureau en is daarom mannelijk enkelvoud. De vrouwelijke enkelvoudige vorm is partagée, zoals in une salle partagée — ‘een gedeelde ruimte’. Het basiswoord is partager (‘delen’), maar partagé is hier een bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord. De volledige opbouw is La salle de réunion (‘de vergaderruimte’) + est réservée (‘staat geboekt/is gereserveerd’) + deux fois (‘twee keer’) + dans le calendrier (‘in de agenda’) + du bureau partagé (‘van het gedeelde kantoor’). Samen betekent de zin: ‘De vergaderruimte staat twee keer geboekt in de agenda van het gedeelde kantoor.’

  2. Pour qui est-ce le plus urgent ?

    Voor wie is het het meest dringend?

    Pour qui
    voor wie
    est-ce
    vragende vorm met ‘is’
    le plus urgent
    het meest dringend
    Uitgebreide uitleg

    Pour qui betekent hier “voor wie”. pour geeft de persoon aan voor wie iets geldt, en qui verwijst hier naar een persoon. Het is een herbruikbaar patroon: Pour qui ... ? = “Voor wie ...?” Voorbeeld: Pour qui est ce message ? — “Voor wie is dit bericht?” est-ce bevat de werkwoordsvorm est van être (“zijn”) en het voornaamwoord ce (“het/dat”). In deze zin is het een vragende omkering van c’est, niet de verkorte vorm van est-ce que. Het onderwerp ce verwijst naar de situatie of zaak waarover de vraag gaat; de vorm est betekent hier “is”. Een bruikbaar contrast is: C’est urgent. — “Het is dringend.” tegenover Est-ce urgent ? — “Is het dringend?” le plus urgent betekent hier “het meest dringend”. urgent is een bijvoeglijk naamwoord met als basisvorm urgent; plus urgent betekent “dringender” en le plus urgent “het meest dringend”. In deze uitdrukking staat urgent in de mannelijke enkelvoudsvorm en maakt le plus van de eigenschap een overtreffende trap. Er wordt in de Franse zin geen zelfstandig naamwoord genoemd dat door urgent wordt aangepast; le plus urgent benoemt hier wat het dringendst is. Samen vormen de delen Pour qui est-ce le plus urgent ?: “Voor wie is het het meest dringend?” De vraag zoekt de persoon voor wie de situatie de hoogste mate van dringendheid heeft. De meegegeven context noemt een dubbel geboekte vergaderruimte en een privégesprek met een klant, maar identificeert geen specifieke persoon als antwoord.

  3. J’ai un appel privé avec un client.

    Ik heb een privégesprek met een klant.

    J’ai
    ik heb
    appel
    gesprek; oproep
    privé
    privé
    avec
    met
    client
    klant
    Uitgebreide uitleg

    J’ai is de samentrekking van je (“ik”) en ai, de eerste persoon enkelvoud van avoir (“hebben”). Hier betekent avoir dat de spreker een gesprek heeft: “ik heb”. Voorbeeld: J’ai un livre. — “Ik heb een boek.” appel betekent hier “gesprek”, zoals blijkt uit de vaste vertaling. In andere contexten kan het ook “oproep” of “telefoontje” betekenen. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: un appel. Voorbeeld: J’attends un appel. — “Ik wacht op een telefoontje.” privé beschrijft appel en betekent “privé”. Omdat appel mannelijk enkelvoud is, staat het bijvoeglijk naamwoord hier in de vorm privé; de vrouwelijke enkelvoudsvorm is privée. Voorbeeld: une conversation privée — “een privégesprek”. avec is een voorzetsel met de betekenis “met”. Hier verbindt het de gesprekssituatie met de persoon die eraan deelneemt. Voorbeeld: Je travaille avec un client. — “Ik werk met een klant.” client betekent “klant”. In un client is het een mannelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. De vrouwelijke vorm is cliente: une cliente — “een klant (vrouwelijk)”. un is hier een onbepaald lidwoord; het introduceert een niet nader bepaalde klant en drukt op zichzelf geen exacte telwaarde uit. Samen betekenen J’ai un appel privé avec un client: “Ik heb een privégesprek met een klant.” J’ai geeft aan dat de spreker het gesprek heeft, un appel privé benoemt het als privé en avec un client geeft aan met wie het plaatsvindt.

  4. Mais quelqu’un d’autre l’a réservée pour travailler seul.

    Maar iemand anders heeft hem geboekt om alleen te werken.

    Mais
    maar
    quelqu’un d’autre
    iemand anders
    réservée
    geboekt / gereserveerd
    pour travailler
    om te werken
    seul
    alleen
    Uitgebreide uitleg

    Mais zet deze zin in tegenstelling tot iets dat eraan voorafgaat. Het betekent hier eenvoudig “maar”. quelqu’un d’autre betekent “iemand anders”. De basisvorm is quelqu’un (“iemand”); d’autre voegt het contrast met een andere persoon toe. Een bruikbaar patroon is quelqu’un d’autre + werkwoord: “iemand anders doet ...”. Quelqu’un duidt hier een niet nader geïdentificeerde persoon aan. réservée komt van réserver, “reserveren” of “boeken”. In a réservée is a het hulpwerkwoord en réservée het voltooid deelwoord. De uitgang -e laat hier zien dat het voorafgaande lijdend voorwerp vrouwelijk enkelvoud is. Bij avoir kan het voltooid deelwoord overeenkomen met een voorafgaand lijdend voorwerp. De vorm l’ zelf toont door de elisie niet of het voornaamwoord mannelijk of vrouwelijk is. De volgende context ondersteunt dat het om de geboekte ruimte gaat. Voorbeeld: Il a réservé la salle. — “Hij heeft de zaal gereserveerd.” pour travailler drukt het doel uit: “om te werken”. Travailler is de infinitief na pour; in deze zin is de persoon die reserveert ook degene die zal werken. Het patroon pour + infinitief is breed bruikbaar. Voorbeeld: Je viens pour aider. — “Ik kom om te helpen.” seul betekent hier “alleen” en beschrijft de persoon die werkt. De vorm is mannelijk enkelvoud; de vrouwelijke vorm is seule. Dat vormkenmerk hoort bij seul, niet bij travailler. Voorbeeld: Elle veut travailler seule. — “Zij wil alleen werken.” Samen betekent de zin: “Maar iemand anders heeft hem geboekt om alleen te werken.” In de gegeven context kan het geboekte object de ruimte zijn. pour travailler seul geeft het doel van de reservering en koppelt seul aan de persoon die zal werken.

  5. Demande alors si cette personne peut te laisser l’utiliser brièvement.

    Vraag dan of die persoon je de ruimte even kan laten gebruiken.

    Demande
    vraag
    alors
    dan
    si
    of
    cette
    deze
    personne
    persoon
    peut
    kan
    te
    je
    laisser
    laten
    l’utiliser
    het gebruiken
    brièvement
    kort
    Uitgebreide uitleg

    Demande staat hier als bevel aan één persoon: “vraag”. Het komt van demander (“vragen”). De vorm van de tegenwoordige tijd bij tu is ook tu demandes, maar in deze zin ontbreekt het onderwerp omdat het om de gebiedende wijs gaat. Voorbeeld: Demande son nom. — “Vraag zijn/haar naam.” alors betekent hier “dan” en verbindt het verzoek met de volgende stap. Voorbeeld: Alors, attends ici. — “Wacht dan hier.” si leidt hier een indirecte ja-neevraag in en betekent “of”, niet het voorwaardelijke “als”. Het patroon is demander si + zin: Demande si elle vient. — “Vraag of ze komt.” cette personne betekent “deze persoon”. Cette is de enkelvoudige vrouwelijke vorm van het aanwijzende woord; personne is grammaticaal vrouwelijk, ongeacht het werkelijke geslacht van de bedoelde persoon. Vergelijk ce garçon — “deze jongen” — met cette personne. peut is de derde persoon enkelvoud van pouvoir (“kunnen”, “mogen”). Hier drukt het uit dat die persoon iets kan of mag doen. De vormketen is pouvoir → il/elle peut → ils/elles peuvent. Voorbeeld: Elle peut entrer. — “Ze kan naar binnen.” te laisser vormt samen met het volgende werkwoord de constructie laisser quelqu’un faire quelque chose: iemand iets laten doen. Te verwijst hier naar de persoon die de ruimte zal gebruiken; laisser betekent “laten” en staat in de infinitief na peut. Voorbeeld: Il peut te laisser attendre. — “Hij kan je laten wachten.” l’utiliser bestaat uit l’ plus utiliser. Utiliser betekent “gebruiken”; l’ is het verkorte objectvoornaamwoord le of la vóór een klinker. In deze zin verwijst het volgens de vaste vertaling naar de ruimte. De constructie te laisser l’utiliser betekent dus “je die laten gebruiken”: te duidt de gebruiker aan en l’ datgene wat gebruikt wordt. Voorbeeld: Elle veut l’utiliser. — “Ze wil het gebruiken.” brièvement is een bijwoord en betekent “kort” of “even”, hier met betrekking tot de duur van het gebruik. Het hoort bij de hele handeling l’utiliser, niet bij laisser als afzonderlijke handeling. Het bijvoeglijk naamwoord is bref (vrouwelijke vorm brève); brièvement is daarvan het bijwoord. Voorbeeld: Parle brièvement. — “Praat kort.” Samen betekent Demande alors si cette personne peut te laisser l’utiliser brièvement: “Vraag dan of die persoon je de ruimte even kan laten gebruiken.” De gebiedende wijs geeft de opdracht Demande; daarna volgt de indirecte vraag met si. Binnen die vraag is cette personne degene die mogelijk kan toestaan, te degene die gebruikt, en l’ de ruimte die gebruikt wordt. Brièvement beperkt de duur van het gebruik.

  6. Je ne veux pas donner l’impression que ma tâche est plus importante.

    Ik wil niet klinken alsof mijn taak belangrijker is.

    Je ne veux pas
    ik wil niet
    donner l’impression
    de indruk wekken
    tâche
    taak
    plus importante
    belangrijker
    Uitgebreide uitleg

    Je ne veux pas betekent hier: ik wil niet. veux is de vorm van vouloir (willen) in de eerste persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd: je veux. De ontkenning wordt gevormd door ne ... pas; in deze zin staan beide delen rond de vervoegde vorm: Je ne veux pas donner. Daarna volgt het infinitief donner. Een bruikbaar patroon is Je ne veux pas + infinitief: “Ik wil niet + werkwoord”. Voorbeeld: Je ne veux pas attendre. — “Ik wil niet wachten.” donner l’impression is de vaste uitdrukking “de indruk wekken”. donner staat hier in de infinitief, omdat het volgt op veux. In deze uitdrukking betekent donner niet alleen letterlijk “geven”, maar vormt het samen met l’impression de betekenis “de indruk wekken”. Voorbeeld: Cela donne l’impression d’être compliqué. — “Dat wekt de indruk ingewikkeld te zijn.” ma tâche betekent “mijn taak”. tâche is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom is het bezittelijk woord hier ma. Het bezittelijk woord stemt in deze vorm af op het bezeten zelfstandig naamwoord, niet op de bezitter. Het meervoud is mes tâches — “mijn taken”. est plus importante betekent “belangrijker is”. est is de derde persoon enkelvoud van être (zijn), passend bij ma tâche. importante is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord important (belangrijk), omdat het bij tâche hoort. plus importante is de vergrotende trap: important → plus important; bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord wordt dat plus importante. De tegenhanger is moins importante — “minder belangrijk”. Voorbeeld: Cette tâche est plus importante. — “Deze taak is belangrijker.” De bijzin begint met que: l’impression que ma tâche est plus importante betekent “de indruk dat mijn taak belangrijker is”. Samen verbinden de delen zich als Je ne veux pas + donner l’impression + que ma tâche est plus importante: “Ik wil niet de indruk wekken dat mijn taak belangrijker is.” De vaste Nederlandse vertaling “Ik wil niet klinken alsof mijn taak belangrijker is” geeft dezelfde bedoelde strekking weer: de spreker wil niet de indruk geven dat de eigen taak een hogere prioriteit heeft.

  7. Propose un compromis, par exemple utiliser la salle pour l’appel et partir juste après.

    Bied een compromis aan, bijvoorbeeld door de ruimte voor het gesprek te gebruiken en meteen daarna weg te gaan.

    Propose
    bied aan
    compromis
    compromis
    par exemple
    bijvoorbeeld
    utiliser
    gebruiken
    salle
    ruimte
    l’appel
    gesprek
    partir
    vertrekken
    juste après
    meteen daarna
    Uitgebreide uitleg

    Propose is de gebiedende wijs van proposer (voorstellen, aanbieden) voor tu. Hier is het een directe maar op zichzelf neutrale aansporing: “bied aan / stel voor”. Voor een beleefde of meervoudige aansporing gebruikt het Frans proposez. compromis betekent hier een compromis: een oplossing die rekening houdt met beide kanten. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is compromis, met dezelfde spelling. Voorbeeld: Nous avons trouvé un compromis. — “We hebben een compromis gevonden.” par exemple betekent “bijvoorbeeld” en leidt hier een concrete invulling van het voorgestelde compromis in. utiliser is de infinitief “gebruiken”. Na par exemple kan een infinitief rechtstreeks een voorbeeldhandeling introduceren: Par exemple, utiliser ce document. — “Bijvoorbeeld dit document gebruiken.” De vorm utiliser markeert hier geen persoon of tijd. la salle betekent “de ruimte / zaal”. salle is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; la is daarom het bepaald lidwoord voor het enkelvoud. Voorbeeld: La salle est libre. — “De ruimte is vrij.” l’appel betekent hier “het gesprek / de oproep”. Het zelfstandig naamwoord appel is mannelijk, maar le wordt vóór een klinker l’: l’appel. In een andere context kan appel bijvoorbeeld ook een telefoontje of oproep aanduiden; de vaste vertaling maakt hier “het gesprek” de bedoelde lezing. partir betekent “vertrekken / weggaan” en staat, net als utiliser, in de infinitief. Voorbeeld: Je dois partir. — “Ik moet weggaan.” De infinitief laat hier zien welke tweede handeling in het voorbeeld wordt voorgesteld. juste après betekent “meteen daarna / direct erna”. après verwijst hier naar iets dat net eerder in de voorgestelde volgorde gebeurt; juste versterkt de nabijheid in tijd. Voorbeeld: Il est parti juste après. — “Hij vertrok meteen daarna.” Samen vormt utiliser la salle pour l’appel de eerste handeling: de ruimte gebruiken voor het gesprek. et partir juste après voegt met et de tweede handeling toe: daarna meteen weggaan. De volledige zin is daarom: “Bied een compromis aan, bijvoorbeeld door de ruimte voor het gesprek te gebruiken en meteen daarna weg te gaan.” De gebiedende wijs maakt dit een voorstel of aansporing aan de aangesproken persoon.

  8. Ça me semble juste. Je peux aussi aider cette personne à trouver un autre espace de travail.

    Dat voelt eerlijk. Ik kan die persoon ook helpen een andere werkplek te vinden.

    Ça me semble
    dat lijkt me
    juste
    eerlijk
    Je peux
    ik kan
    aussi
    ook
    aider
    helpen
    cette
    deze/die
    personne
    persoon
    trouver
    vinden
    autre
    andere
    espace
    ruimte
    travail
    werk
    Uitgebreide uitleg

    Ça me semble betekent hier “het lijkt me”. semble is de vorm van sembler (“lijken”) voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd; ça is het onderwerp en me geeft aan voor wie iets zo lijkt. Een bruikbaar patroon is ça me semble + bijvoeglijk naamwoord. juste betekent hier “eerlijk” of “rechtvaardig”. Het is een bijvoeglijk naamwoord. De vorm is hier enkelvoud; juste blijft hetzelfde bij mannelijk en vrouwelijk enkelvoud, terwijl het meervoud justes is. In andere contexten kan juste ook “juist” betekenen, maar hier past “eerlijk” bij de vaste vertaling. Je peux betekent “ik kan”. peux komt van pouvoir en is de tegenwoordige tijd bij je. Na pouvoir volgt meestal een infinitief: je peux aider = “ik kan helpen”. Afhankelijk van de context kan pouvoir ook toestemming uitdrukken, maar hier gaat het om de mogelijkheid of bereidheid om te helpen. aussi betekent “ook”. Het voegt deze handeling toe naast iets dat al in de context genoemd is. De plaats van aussi kan in het Frans soms variëren, maar hier staat het na peux en vóór aider. aider is de infinitief “helpen”. Een veelgebruikt patroon is aider quelqu’un à faire quelque chose: iemand helpen om iets te doen. In deze zin is cette personne degene die geholpen wordt, en à trouver noemt wat die hulp inhoudt. cette is een aanwijzend bepalend woord voor een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord: “deze” of “die”. Hier hoort het bij personne; de vertaling maakt de bedoelde persoon tot “die persoon”. De vorm contrasteert onder meer met ce of cet bij mannelijk enkelvoud en ces bij meervoud. De vorm cette bepaalt de grammaticale vorm van het zelfstandig naamwoord dat erop volgt, maar identificeert op zichzelf niet wie die persoon precies is. personne betekent hier “persoon”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in de Franse grammatica, ook wanneer de bedoelde persoon geen vrouw is. Daarom staat hier cette personne. In een andere constructie kan personne als voornaamwoord “niemand” betekenen, maar met cette is het hier duidelijk een zelfstandig naamwoord. trouver betekent “vinden”. Het is een infinitief en staat hier na à in het patroon aider quelqu’un à trouver: iemand helpen iets te vinden. Het onderwerp van trouver is niet een nieuwe genoemde persoon; de constructie beschrijft wat de geholpen persoon probeert te vinden. autre betekent “andere”. Het hoort bij espace en staat daarom in de vorm voor enkelvoud. autre heeft in het enkelvoud dezelfde vorm bij mannelijk en vrouwelijk; in het meervoud wordt het autres. De combinatie un autre espace betekent hier “een andere werkplek/ruimte”, dus een alternatief voor de eerder bedoelde ruimte. espace betekent “ruimte”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: un espace. In espace de travail wordt het nader bepaald door de travail, waardoor de betekenis “werkruimte” of “werkplek” ontstaat. travail betekent “werk”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord. In de travail werkt het als bepaling bij espace: letterlijk een ruimte voor werk, natuurlijk vertaald als “werkruimte” of “werkplek”. Samen vormen Je peux aussi aider cette personne à trouver un autre espace de travail de betekenis: “Ik kan die persoon ook helpen een andere werkplek te vinden.” De infinitief aider volgt op peux; cette personne is het object van aider, en à trouver un autre espace de travail beschrijft wat voor hulp wordt geboden. De eerste zin, Ça me semble juste, geeft daarover het oordeel “Dat voelt eerlijk” of “Dat lijkt me eerlijk.”

  9. Cela montre que tu respectes aussi sa réservation.

    Daarmee laat je zien dat je hun reservering ook respecteert.

    Cela
    Dat
    montre
    toont
    que
    dat
    tu
    je
    respectes
    respecteert
    aussi
    ook
    sa
    hun
    réservation
    reservering
    Uitgebreide uitleg

    Cela betekent hier “dat” en verwijst naar iets dat al in de context aanwezig is. In de Nederlandse vertaling kan de combinatie natuurlijk als “daarmee” worden weergegeven. Cela is grammaticaal enkelvoud en vormt daarom de derde persoon enkelvoud bij montre. montre is de vorm van montrer (“tonen”, “laten zien”) in de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud. Een bruikbare reeks is: je montre — ik toon, tu montres — jij toont, il/elle montre — hij/zij toont. De uitgang -e in montre hoort hier bij het onderwerp cela; de -s in tu montres hoort bij een ander onderwerp. Voorbeeld: Cela montre le problème. — “Dat laat het probleem zien.” que betekent hier “dat” en leidt de bijzin tu respectes aussi sa réservation in. tu is het onderwerpelijke persoonlijke voornaamwoord voor één aangesproken persoon in een informele context. Het staat hier vóór de persoonsvorm respectes. De bijbehorende beleefde of meervoudige vorm is vous, maar die zou een andere werkwoordsvorm vragen: vous respectez. respectes komt van respecter (“respecteren”) en is de tegenwoordige tijd bij tu: tu respectes. Bij je, il en elle staat respectievelijk je respecte, il respecte en elle respecte; bij vous staat vous respectez. In deze zin betekent het werkwoord concreet dat jij de reservering respecteert. aussi betekent “ook”. Het voegt hier toe dat het respecteren van de reservering naast iets anders geldt. In deze positie staat het na respectes en vóór het bezittelijke woord sa; de precieze nadruk kan in andere zinnen met de plaatsing variëren. Voorbeeld: Je respecte aussi cette décision. — “Ik respecteer die beslissing ook.” sa is een bezittelijk bepalend woord vóór een zelfstandig naamwoord. Het betekent hier “hun”, zoals de vaste vertaling aangeeft. De vorm sa stemt af op het bezeten woord réservation: dat woord is vrouwelijk enkelvoud. Sa zegt dus niet dat de bezitter vrouwelijk of enkelvoudig is. Voor een mannelijk enkelvoudig bezeten woord staat bijvoorbeeld son: son billet — “hun kaartje”. Voor meervoud staat leurs: leurs réservations — “hun reserveringen”. réservation is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud en betekent “reservering”. Het meervoud is réservations. Met het bezittelijke woord krijg je bijvoorbeeld sa réservation — “hun reservering”; het bezittelijke woord wordt gekozen op basis van het grammaticale geslacht en getal van réservation, niet op basis van het getal of geslacht van de bezitter. Samen vormen de delen: Cela montre = “Dat laat zien”, que = “dat”, tu respectes = “je respecteert”, aussi = “ook”, en sa réservation = “hun reservering”. De volledige zin betekent daarom: “Daarmee laat je zien dat je hun reservering ook respecteert.”

  10. Je peux lui envoyer un message maintenant et lui expliquer la situation.

    Ik kan die persoon nu een bericht sturen en de situatie uitleggen.

    Je peux
    ik kan
    lui
    aan die persoon
    envoyer
    sturen
    un message
    een bericht
    maintenant
    nu
    lui
    aan die persoon
    expliquer
    uitleggen
    la situation
    de situatie
    Uitgebreide uitleg

    Je peux betekent hier “ik kan” en bestaat uit het onderwerp je en de eerste persoon enkelvoud van pouvoir (“kunnen”): je peux. Het gaat om de mogelijkheid of bereidheid van de spreker. Voorbeeld: Je peux venir. — “Ik kan komen.” lui is hier een indirect objectpronomen: “aan die persoon”. Het kan naar één persoon verwijzen zonder diens geslacht in het pronomen zelf te markeren. In lui envoyer staat het vóór het infinitief. Hetzelfde pronomen komt later opnieuw voor bij een tweede handeling. envoyer betekent “sturen” of “verzenden”. Dit is de infinitief, de vorm die volgt na peux: je peux envoyer — “ik kan sturen”. Voorbeeld: Je peux envoyer la lettre. — “Ik kan de brief sturen.” un message betekent “een bericht”. message is een zelfstandig naamwoord; het enkelvoudige onbepaalde lidwoord is un. Het lidwoord markeert hier een niet nader bepaald bericht, niet op zichzelf een exact aantal. maintenant betekent “nu”. Het is een bijwoord dat het tijdstip van de handeling aangeeft: het sturen gebeurt nu. Het tweede lui heeft dezelfde functie als het eerste: “aan die persoon”. De herhaling maakt duidelijk dat dezelfde ontvanger ook bij de volgende handeling betrokken is, zonder dat het Franse pronomen zelf mannelijk of vrouwelijk onderscheidt. expliquer betekent “uitleggen”. Ook dit is een infinitief na peux: je peux expliquer — “ik kan uitleggen”. Met lui ervoor wordt dat lui expliquer: “aan die persoon uitleggen”. Voorbeeld: Je peux lui expliquer le problème. — “Ik kan het probleem aan die persoon uitleggen.” la situation betekent “de situatie”. situation is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat hier het bepaalde lidwoord la. Het zelfstandig naamwoord draagt de vrouwelijke grammaticale categorie, niet het voorafgaande werkwoord. Samen vormen de delen: Je peux + lui envoyer un message maintenant + et lui expliquer la situation. De volledige betekenis is: “Ik kan die persoon nu een bericht sturen en de situatie uitleggen.” Het onderwerp van beide infinitieven is dezelfde spreker (je), en lui geeft bij beide handelingen dezelfde ontvanger aan. et verbindt de twee handelingen.

  11. Garde le message bref et propose ce compromis.

    Houd het bericht kort en stel dat compromis voor.

    Garde
    houd
    le message
    het bericht
    bref
    kort
    propose
    stel voor
    ce
    dit/dat
    compromis
    compromis
    Uitgebreide uitleg

    Garde betekent hier “houd” en is de gebiedende wijs voor tu van garder (“houden”, “bewaren”). De vorm richt zich dus tot één aangesproken persoon. Voorbeeld: Garde ce document. — “Bewaar dit document.” le message betekent “het bericht”. message is een mannelijk zelfstandig naamwoord; le is hier het bepaald lidwoord. In de vorige zin komt hetzelfde woord al voor als un message (“een bericht”): un introduceert het bericht, terwijl le naar een bepaald bericht verwijst. bref betekent hier “kort” en beschrijft message. Het bijvoeglijk naamwoord staat in de mannelijke enkelvoudsvorm, passend bij het mannelijke enkelvoud van message. De vrouwelijke enkelvoudsvorm is brève, en het meervoud is brefs of brèves, afhankelijk van het geslacht. Voorbeeld: Une réponse brève suffit. — “Een kort antwoord is voldoende.” propose betekent hier “stel voor”. Het is opnieuw een gebiedende wijs voor tu, nu van proposer (“voorstellen”). Bij werkwoorden op -er valt in deze gebiedende wijs de -s van de tu-vorm weg: tu proposes, maar propose ! Voorbeeld: Propose une solution. — “Stel een oplossing voor.” ce betekent hier “dat” en staat direct vóór compromis. Het is een aanwijzend bijvoeglijk woord in het mannelijk enkelvoud vóór een medeklinker. Vergelijk cet vóór een mannelijke klinkerklank, cette bij een vrouwelijk enkelvoud en ces in het meervoud. De precieze verwijzing van ce wordt door de context bepaald; in deze zin gaat het volgens de vertaling om een specifiek compromis. compromis betekent “compromis”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; samen met ce vormt het ce compromis (“dat compromis”). De vorm compromis kan ook als meervoud voorkomen, maar hier is het enkelvoud door ce en door de Nederlandse vertaling “dat compromis”. De twee gebiedende wijs-vormen zijn met et (“en”) verbonden: Garde le message bref betekent “Houd het bericht kort”, en propose ce compromis betekent “stel dat compromis voor”. Samen vormt de zin de instructie: “Houd het bericht kort en stel dat compromis voor.”

Grammatica

Demande / Propose / Garde

Demande maintenant.

Duh-man-d man-tuh-nan.

Vraag nu.

Dit zijn gebiedende wijs-vormen voor je/jij; de eindletter -s van de tegenwoordige tijd valt vaak weg.

tâche importante

Une tâche importante.

Uun tasj an-po-gh-tant.

Een belangrijke taak.

Het bijvoeglijk naamwoord komt vaak na het zelfstandig naamwoord en past zich aan het vrouwelijke woord aan: important → importante.

Frans woordenschat

appel zelfstandig naamwoord
a-pèl gesprek, telefoongesprek

J’ai un appel privé avec un client.

bureau partagé uitdrukking
buu-ghoo par-ta-zjee gedeeld kantoor

le calendrier du bureau partagé

calendrier zelfstandig naamwoord
ka-lan-dghie-jee agenda, kalender

dans le calendrier du bureau partagé

client zelfstandig naamwoord
klie-an klant

avec un client

deux fois bijwoord
deuh fwa twee keer

La salle de réunion est réservée deux fois.

privé bijvoeglijk naamwoord
pghie-vee privé

un appel privé

quelqu’un d’autre voornaamwoord
kèl-keun dotgh iemand anders

Mais quelqu’un d’autre l’a réservée.

réserver werkwoord
ghay-zèr-vay reserveren réservée

La salle de réunion est réservée deux fois.

salle de réunion uitdrukking
sal duh ghay-uu-njon vergaderruimte

La salle de réunion est réservée deux fois.

seul bijvoeglijk naamwoord
seul alleen

pour travailler seul

travailler werkwoord
tgha-va-jee werken

pour travailler seul

urgent bijvoeglijk naamwoord
uu-gh-zjan dringend

Qui en a le plus besoin de façon urgente ?

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

dringend

Antwoord tonenurgent

reserveren

Antwoord tonenréservée

gesprek, telefoongesprek

Antwoord tonenappel

privé

Antwoord tonenprivé