Quelqu’un
« Quelqu’un » betekent hier ‘iemand’ en verwijst naar de persoon die eerder aanklopte. Het is een onbepaald voornaamwoord dat je gebruikt wanneer je de persoon niet nader benoemt.
a
In « a frappé » is « a » de vorm van avoir die samen met « frappé » de betekenis ‘heeft aangeklopt’ vormt. Deze vorm staat vóór het voltooid deelwoord van de handeling.
frappé
« Frappé » betekent hier ‘aangeklopt’; het is het voltooid deelwoord van frapper. In « a frappé » vormt het samen met « a » een afgeronde gebeurtenis in het verleden.
tout à l’heure
« Tout à l’heure » betekent hier ‘eerder’ of ‘daarnet’ en verwijst naar een moment eerder op dezelfde dag. « Tout » betekent letterlijk ‘heel’, « à » ‘op’ en « l’heure » ‘het uur’, maar samen vormt de uitdrukking een vaste tijdsaanduiding.
en
In « en disant » geeft « en » aan dat iets gebeurt terwijl of door iets te zeggen. De vorm staat vóór een vorm op -ant om de begeleidende omstandigheid van de hoofdhandeling aan te geven.
disant
« Disant » betekent hier ‘zeggend’ en komt van dire. In « en disant » beschrijft het wat de persoon tegelijkertijd met het aankloppen zei.
qu’il
« Qu’il » betekent hier ‘dat hij’ en leidt de inhoud in van wat de persoon zei. Het is de samengevoegde vorm van het voegwoord voor ‘dat’ en het voornaamwoord voor ‘hij’.
était
« Était » betekent hier ‘was’ en is een vorm van être. In « il était là » beschrijft het waar de persoon zich op dat moment bevond of waarom hij daar was.
là
« Là » betekent hier ‘daar’ en verwijst naar de plaats waar de persoon aanwezig was. Het staat in « il était là » na de vorm van être.
pour
« Pour » geeft hier het doel aan: de persoon was daar om iets te inspecteren. Voor een handeling volgt in deze functie een infinitief, zoals in « pour inspecter ».
inspecter
« Inspecter » betekent ‘inspecteren’ en is de infinitief die het doel van het bezoek beschrijft. In « pour inspecter la ventilation » staat de handeling na pour.
la
« La » is hier het bepaalde lidwoord vóór « ventilation » en betekent ‘de’. Het staat voor een enkelvoudig vrouwelijk zelfstandig naamwoord.
ventilation
« Ventilation » betekent hier ‘ventilatie’, het systeem dat de bezoeker kwam controleren. Het zelfstandig naamwoord staat na « la » in « la ventilation ».
Les
« Les » betekent hier ‘de’ bij een meervoud en hoort bij « interventions ». Het bepaalde lidwoord staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord.
interventions
« Interventions » betekent hier ‘onderhoudsbezoeken’ of ‘interventies’. In « les interventions de maintenance » verwijst het naar geplande werkzaamheden door onderhoudspersoneel.
de
« De » betekent hier ‘van’ en verbindt « interventions » met « maintenance ». Het geeft aan om welk soort bezoeken of interventies het gaat.
maintenance
« Maintenance » betekent hier ‘onderhoud’. In « interventions de maintenance » specificeert het het doel of type van de interventies.
sont
« Sont » betekent hier ‘zijn’ en is de meervoudsvorm van être. Samen met « annoncées » vormt het de passieve mededeling dat de bezoeken worden aangekondigd.
généralement
« Généralement » betekent hier ‘meestal’ of ‘doorgaans’. Het geeft aan dat de aankondiging normaal gesproken via het gebouwsysteem gebeurt.
annoncées
« Annoncées » betekent hier ‘aangekondigd’ en is het voltooid deelwoord van annoncer. De vorm hoort bij het meervoudige « interventions » in « sont annoncées ».
par
« Par » betekent hier ‘via’ en geeft het middel of kanaal aan waardoor de aankondiging gebeurt. In « par le système » volgt na par het gebruikte systeem.
le
« Le » is hier het bepaalde lidwoord bij « système » en betekent ‘het’. Het staat vóór een enkelvoudig mannelijk zelfstandig naamwoord.
système
« Système » betekent hier ‘systeem’, meer bepaald het systeem van het gebouw. In « le système de l’immeuble » wordt het systeem verder gespecificeerd.
l’immeuble
« L’immeuble » betekent hier ‘het gebouw’ of ‘het appartementencomplex’. De apostrof in l’ vervangt de klinker van het lidwoord vóór « immeuble ».
Cela
« Cela » betekent hier ‘dat’ en verwijst naar de onverwachte bezoeker en diens verhaal. Het voornaamwoord wordt gebruikt om naar een eerder genoemde situatie te verwijzen.
m’a
« M’a » betekent hier ‘heeft mij’ in « Cela m’a rendu prudent ». « M’ » is het voornaamwoord voor ‘mij’ en « a » helpt de afgeronde handeling uit te drukken.
rendu
« Rendu » betekent hier ‘gemaakt’ en komt van rendre. In de constructie « m’a rendu prudent » geeft het aan dat de situatie ervoor zorgde dat de spreker voorzichtig werd.
prudent
« Prudent » betekent hier ‘voorzichtig’. Het beschrijft de houding van de spreker nadat de onverwachte bezoeker zich had gemeld.
alors
« Alors » betekent hier ‘dus’ en verbindt de voorzichtigheid met de daaropvolgende beslissing. Het leidt hier een gevolg in: de spreker liet de persoon niet binnen.
je
« Je » betekent ‘ik’ en is het onderwerp van de handeling. Het staat vóór een werkwoord, zoals in « je ne l’ai pas laissé entrer » en « Je vais vérifier ».
ne
« Ne » is hier het eerste deel van de Franse ontkenning en staat samen met « pas ». Het staat vóór het vervoegde werkwoord, hier vóór « l’ai ».
l’ai
« L’ai » betekent in deze zin ‘hem, haar of die persoon heb’ binnen de uitdrukking ‘niet binnengelaten’. « L’ » verwijst naar de persoon en « ai » is de vorm van avoir bij je.
pas
« Pas » maakt de ontkenning af die met « ne » begint. In deze zin staat het na « l’ai » en vóór « laissé entrer ».
laissé
« Laissé » betekent hier ‘binnengelaten’ en komt van laisser. In « laissé entrer » drukt het uit dat iemand toestemming krijgt om naar binnen te gaan.
entrer
« Entrer » betekent ‘binnenkomen’ of ‘naar binnen gaan’. Na « laissé » beschrijft deze infinitief de handeling die de persoon niet mocht uitvoeren.
C’était
« C’était » betekent hier ‘dat was’ en verwijst naar de beslissing om de persoon niet binnen te laten. Het is de samengevoegde vorm van ce en était.
bonne
« Bonne » betekent hier ‘goede’ of ‘juiste’ en beschrijft « décision ». De vorm past bij het vrouwelijke zelfstandig naamwoord in « la bonne décision ».
décision
« Décision » betekent hier ‘beslissing’. In « la bonne décision » wordt de keuze om eerst niets binnen te laten als juist beoordeeld.
Son
« Son » geeft hier bezit aan en betekent ‘zijn’ of ‘haar’. In « son autorisation » verwijst het naar de toestemming van de persoon die naar binnen wil.
autorisation
« Autorisation » betekent hier ‘toestemming’. In « son autorisation d’entrer » gaat het specifiek om toestemming om binnen te komen.
d’entrer
« D’entrer » betekent hier ‘om binnen te gaan’ en is de samengevoegde vorm van de voorzetselvorm voor ‘om te’ en entrer. In « autorisation d’entrer » specificeert het waarvoor de toestemming geldt.
doit
« Doit » betekent hier ‘moet’ en is een vorm van devoir. In « doit d’abord être vérifiée » drukt het een noodzakelijke voorafgaande controle uit.
d’abord
« D’abord » betekent hier ‘eerst’. Het geeft aan dat de controle vóór het binnenlaten moet plaatsvinden.
être
« Être » betekent hier ‘zijn’ en staat als infinitief na « doit ». In « doit être vérifiée » helpt het een passieve constructie te vormen.
vérifiée
« Vérifiée » betekent hier ‘gecontroleerd’ en komt van vérifier. De vorm hoort bij « autorisation » in « son autorisation d’entrer doit d’abord être vérifiée ».
Pourriez
« Pourriez » betekent hier ‘zou u kunnen’ en wordt gebruikt om beleefd iets te vragen. In « Pourriez-vous vérifier » staat het werkwoord vóór « vous » door de vraagvorm.
vous
« Vous » betekent hier ‘u’ en spreekt de gesprekspartner beleefd aan. In « Pourriez-vous » staat het na het werkwoord door de omgekeerde vraagvolgorde.
vérifier
« Vérifier » betekent ‘controleren’ en is de infinitief na « Pourriez-vous ». De spreker vraagt de gesprekspartner om na te gaan of de inspectie gepland is.
si
« Si » betekent hier ‘of’ en leidt een indirecte vraag in. In « vérifier si une inspection est bien prévue » gaat het om de vraag of iets daadwerkelijk gepland staat.
une
« Une » betekent hier ‘een’ en staat vóór « inspection ». Het introduceert één niet eerder gespecificeerde inspectie.
inspection
« Inspection » betekent hier ‘inspectie’. In « une inspection est bien prévue » is het de activiteit waarvan de planning wordt gecontroleerd.
est
« Est » betekent hier ‘is’ en is de enkelvoudsvorm van être. Het verbindt « inspection » met « prévue » in de mededeling dat de inspectie gepland is.
bien
« Bien » betekent hier ‘inderdaad’ of ‘werkelijk’ en benadrukt dat de inspectie daadwerkelijk gepland staat. Het versterkt hier de controle van de informatie.
prévue
« Prévue » betekent hier ‘gepland’ of ‘voorzien’ en komt van prévoir. De vorm hoort bij « inspection » in « une inspection est bien prévue ».
vais
« Vais » betekent hier ‘ga’ in de nabije-toekomstconstructie « Je vais vérifier ». Het geeft aan dat de spreker de controle binnenkort zal uitvoeren.
dossiers
« Dossiers » betekent hier ‘dossiers’ of ‘gegevens’, namelijk de registraties waarin de geplande bezoeken staan. In « vérifier les dossiers » is het het object van controleren.
et
« Et » betekent ‘en’ en verbindt hier twee handelingen van dezelfde spreker. Het koppelt het controleren van de dossiers aan het sturen van een bericht.
envoyer
« Envoyer » betekent ‘sturen’ en is een infinitief die samen met « vais » een voorgenomen handeling uitdrukt. In « vous envoyer un message » staat eerst de ontvanger en daarna het bericht.
un
« Un » betekent hier ‘een’ en staat vóór « message ». Het introduceert één bericht dat via het portaal wordt verstuurd.
message
« Message » betekent hier ‘bericht’. In « vous envoyer un message par le portail » is het bericht wat naar de gesprekspartner wordt gestuurd.
portail
« Portail » betekent hier ‘portaal’, het digitale kanaal waarlangs het bericht wordt verstuurd. Het staat na « par le » in « par le portail ».
préférerais
« Préférerais » betekent hier ‘zou liever willen’ en drukt een persoonlijke voorkeur uit. In « Je préférerais le savoir » geeft de spreker aan dat hij de informatie vooraf wil hebben.
savoir
« Savoir » betekent hier ‘weten’ en is de infinitief na « préférerais ». Het verwijst naar het verkrijgen van de bevestiging vóór het volgende bezoek.
avant
« Avant » betekent hier ‘voordat’ en geeft aan dat de kennis eerder moet komen dan de terugkeer van de bezoeker. In « avant que » leidt het een bijzin over een andere gebeurtenis in.
que
« Que » maakt hier samen met « avant » de tijdsconstructie « avant que ». Het leidt de bijzin in waarin wordt beschreven wie terugkomt.
revienne
« Revienne » betekent hier ‘terugkomt’ en komt van revenir. Na « avant que » staat deze vorm om de nog niet plaatsgevonden terugkeer aan te geven.
Tant que
« Tant que » betekent hier ‘zolang als’ en beschrijft de voorwaarde die geldt totdat de bevestiging er is. « Tant » draagt het idee van duur of mate bij en « que » verbindt de voorwaarde met de hoofdzin.
ce
« Ce » betekent hier ‘het’ en verwijst naar de bevestiging van de afspraak. In « ce n’est pas confirmé » is het onderwerp van de mededeling over die bevestiging.
n’est
« N’est » betekent hier ‘is niet’ en bestaat uit het ontkennende ne en de vorm est van être. Het staat vóór « confirmé » in « ce n’est pas confirmé ».
confirmé
« Confirmé » betekent hier ‘bevestigd’ en komt van confirmer. In « ce n’est pas confirmé » beschrijft het de status van de afspraak of inspectie.
laissez
« Laissez » betekent hier ‘laat’ of ‘laat toe’ en is een bevel aan vous. In « laissez entrer » geeft het instructies over het toestaan van binnenkomst.
personne
« Personne » betekent hier onder de ontkenning ‘niemand’ of ‘iemand’ in de betekenis ‘niemand binnenlaten’. In « ne laissez entrer personne » is het de persoon die niet naar binnen mag.
sauf si
« Sauf si » betekent hier ‘tenzij’ en geeft een uitzondering op de instructie. « Sauf » betekent ‘behalve’ en « si » ‘als’ of ‘indien’; samen leiden ze de enige toegestane situatie in.
l’attendiez
« L’attendiez » betekent hier ‘hem of haar verwachtte’ en verwijst naar de bezoeker. « L’ » is het voornaamwoord voor die persoon en « attendiez » is de vorm van attendre bij vous in « si vous l’attendiez ».