Omgaan met vertraging en wachten op informatie | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: During a travel delay, two travelers discuss an unclear announcement and decide where to wait for updated boarding information..

NL → FR / Niveau: B2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Omgaan met vertraging en wachten op informatie oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

L'annonce dit qu'il y a un retard, mais elle ne dit pas pourquoi.

La-nõs die kilja uhn ruh-taar, mè el nuh die pa poer-kwa. De omroep zegt dat er vertraging is, maar niet waarom.
B

Je pense qu'ils vérifient le train avant de laisser les voyageurs monter.

Zjuh pãs kil vérif luh trẽ avã duh lèsé lè vwoa-ja-zjeur mõ-té. Ik denk dat ze de trein controleren voordat ze mensen laten instappen.
A

Est-ce qu'on devrait rester ici ou chercher un autre quai ?

Ès kõ duh-vrè rè-sté isi oe sjèr-sjé uhn nótr kè? Zullen we hier blijven, of zullen we een ander perron zoeken?
B

Reste près d'ici pour l'instant. Si ça change, le personnel nous dira où aller.

Rèst près d'isi poer lẽ-stã. Si sa sjãzj, luh pèr-so-nèl noe dira oe a-lé. Blijf voorlopig in de buurt. Als er iets verandert, zullen medewerkers zeggen waar we heen moeten.
A

J'ai des bagages, donc je ne veux pas continuer à me déplacer.

Zjee dè ba-gazj, dongk zjuh nuh veu pa kõ-ti-nuu-é a muh dé-pla-sé. Ik heb bagage bij me, dus ik wil niet steeds rondlopen.
B

Je vais leur demander s'ils peuvent nous aider si on doit changer de quai.

Zje vè leur duh-mã-dé sil peuv noe-zé-dé si kõ dwa sjã-zjé duh kè. Ik zal vragen of ze ons kunnen helpen als we van perron moeten wisselen.
A

Ce serait utile si le changement se faisait à la dernière minute.

Suh suh-rè uu-til si luh sjã-zjuh-mã suh fuh-zè a la dè-rnjèr mi-nüüt. Dat zou helpen als de wijziging pas op het laatste moment komt.
B

Dès qu'ils auront mis le tableau à jour, on pourra se déplacer sans avoir à deviner.

Dè kil o-rõ mie luh ta-blo a zjoer, kõ poera suh dé-pla-sé sãz avé a duh-vi-né. Zodra ze het bord hebben bijgewerkt, kunnen we ons verplaatsen zonder te hoeven raden.

Uitleg van de zinnen

  1. L'annonce dit qu'il y a un retard, mais elle ne dit pas pourquoi.

    De omroep zegt dat er vertraging is, maar niet waarom.

    L'annonce
    de aankondiging; de omroep
    dit
    zegt
    qu'il y a
    dat er ... is
    un retard
    vertraging
    mais
    maar
    elle ne dit pas
    zij zegt niet
    pourquoi
    waarom
    Uitgebreide uitleg

    L'annonce betekent hier “de omroep” of “de aankondiging”. annonce is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; het lidwoord l' is de verkorte vorm van la vóór een klinker. De apostrof hoort bij de Franse spelling: la annonce wordt niet gebruikt. Een bruikbaar contrast is un message — “een bericht”; dat zelfstandig naamwoord is mannelijk en krijgt daarom un. dit is de tegenwoordige tijd van dire — “zeggen”. De vorm dit is hier de derde persoon enkelvoud: l'annonce dit — “de omroep zegt”. Andere nuttige vormen zijn je dis — “ik zeg” en ils disent — “zij zeggen”. qu'il y a is een vaste constructie voor “dat er ... is/zijn”. il y a drukt bestaan of aanwezigheid uit; il verwijst hier niet naar een concreet mannelijk persoon. Na que ontstaat qu' vóór de klinker: que il wordt qu'il. Voorbeeld: Il y a un problème. — “Er is een probleem.” un retard betekent “vertraging”. retard is een mannelijk zelfstandig naamwoord, vandaar un. In deze zin is het de aanwezige toestand in il y a un retard: “er is vertraging”. Voorbeeld: Le train a du retard. — “De trein heeft vertraging.” mais betekent “maar” en verbindt hier twee mededelingen met een beperking: eerst wordt gezegd dát er vertraging is, daarna wordt toegevoegd dat de reden niet wordt vermeld. elle ne dit pas betekent “zij zegt niet”. elle is een vrouwelijk enkelvoudig persoonlijk voornaamwoord; in deze zin verwijst het, overeenkomstig de betekenis van de vertaling, naar de vrouwelijke annonce als de omroep of aankondiging die iets zegt. ne ... pas vormt de gewone Franse ontkenning rond het vervoegde werkwoord: elle ne dit pas. De vorm dit blijft hier die van dire; het onderwerp verandert van l'annonce naar elle, maar blijft enkelvoud. Voorbeeld: Elle ne répond pas. — “Zij antwoordt niet.” pourquoi is het vraagwoord “waarom”. Het vraagt naar de reden van een feit of handeling. Hier staat het na ne dit pas: de omroep zegt niet waarom er vertraging is. Voorbeeld: Pourquoi est-il absent ? — “Waarom is hij afwezig?” De volledige opbouw is: L'annonce dit — “de omroep zegt” + qu'il y a un retard — “dat er vertraging is”, gevolgd door mais — “maar” + elle ne dit pas pourquoi — “zij zegt niet waarom”. Samen betekent de zin: “De omroep zegt dat er vertraging is, maar niet waarom.”

  2. Je pense qu'ils vérifient le train avant de laisser les voyageurs monter.

    Ik denk dat ze de trein controleren voordat ze mensen laten instappen.

    Je pense
    ik denk
    vérifient
    controleren
    train
    trein
    avant de
    voordat
    laisser
    laten
    voyageurs
    reizigers
    monter
    instappen
    Uitgebreide uitleg

    Je pense betekent hier “ik denk”. Je is het onderwerp voor de eerste persoon enkelvoud en pense is de tegenwoordige tijd van penser: je pense, tu penses, il/elle pense. De vorm drukt hier een persoonlijke inschatting uit, niet zekerheid. Voorbeeld: Je pense qu’il est prêt. — “Ik denk dat hij klaar is.” vérifient betekent hier “controleren”. Het is de tegenwoordige tijd van vérifier bij de derde persoon meervoud: ils vérifient. De uitgang en het onderwerp ils laten zien wie de handeling uitvoert. Na Je pense que volgt hier een volledige bijzin: qu’ils vérifient .... Voorbeeld: Ils vérifient les billets. — “Ze controleren de kaartjes.” train betekent “trein”. In deze zin staat het zelfstandige naamwoord als le train, dus met het bepaalde lidwoord le in het enkelvoud. Voorbeeld: Le train arrive. — “De trein komt aan.” avant de betekent “voordat” wanneer er daarna een infinitief komt. In avant de laisser leidt het een handeling in die eerder plaatsvindt dan de handeling die daarop volgt. Een vergelijkbaar patroon is avant de partir — “voordat [iemand] vertrekt”. Het onderwerp van de infinitief wordt hier uit de context van de zin begrepen: degenen die controleren, laten daarna de reizigers instappen. laisser betekent hier “laten” in de constructie laisser quelqu’un faire quelque chose: iemand iets laten doen. In laisser les voyageurs monter zijn les voyageurs de personen die mogen instappen, en monter benoemt hun handeling. Dit is niet hetzelfde als alleen laisser in de betekenis “achterlaten”. Voorbeeld: Elle laisse les enfants jouer. — “Zij laat de kinderen spelen.” voyageurs betekent “reizigers”. Het is het meervoud van voyageur; het lidwoord les markeert hier het meervoud. In deze zin zijn de reizigers degenen die mogen instappen. Voorbeeld: Les voyageurs attendent. — “De reizigers wachten.” monter betekent hier “instappen”, meer bepaald in de context van een trein. Het is de infinitief na laisser; de reizigers zijn degenen die deze handeling uitvoeren. Monter kan in andere contexten ook “omhooggaan” of “stijgen” betekenen, maar hier bepaalt de treincontext de betekenis “instappen”. Voorbeeld: Nous montons dans le train. — “Wij stappen in de trein.” De hele structuur is Je pense que ... avant de ...: “Ik denk dat ... voordat ...”. Je pense que maakt van de rest een gedachte of inschatting. Binnen die bijzin controleren ils de trein; daarna laten zij de reizigers instappen. Samen betekent de zin: “Ik denk dat ze de trein controleren voordat ze de reizigers laten instappen.”

  3. Est-ce qu'on devrait rester ici ou chercher un autre quai ?

    Zullen we hier blijven, of zullen we een ander perron zoeken?

    Est-ce qu'on
    vraagmarkeerder: is het zo dat we …?
    devrait
    zou moeten
    rester
    blijven
    ici
    hier
    ou
    of
    chercher
    zoeken
    autre
    ander
    quai
    perron
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce qu'on is een vaste manier om in het Frans een directe ja-neevraag te vormen. Hier betekent on, in overeenstemming met de vertaling, we. In andere contexten kan on ook men of een onbepaalde groep aanduiden. In qu'on is que verkort tot qu' vóór de klinker van on. devrait is de conditionnel présent van devoir bij het grammaticale onderwerp on: devoir → devrait. Hier maakt die vorm de vraag tot een voorzichtige suggestie: “zouden we moeten…?” Voorbeeld: On devrait attendre. — “We zouden moeten wachten.” rester is het infinitief van blijven. Na devrait staat het volgende werkwoord in de infinitief: on devrait rester = “we zouden moeten blijven”. Voorbeeld: Il devrait rester ici. — “Hij zou hier moeten blijven.” ici betekent hier. Het is een bijwoord en verandert niet naar persoon of aantal. ou verbindt twee mogelijkheden en betekent of. Hier verbindt het rester met chercher. chercher is het infinitief van zoeken. Het is hier het tweede werkwoord dat bij devrait hoort. Voorbeeld: Nous devrions chercher une solution. — “We zouden een oplossing moeten zoeken.” autre betekent hier ander. Het staat vóór quai. Autre onderscheidt in het enkelvoud geen mannelijk en vrouwelijk: un autre quai en une autre voie; in het meervoud krijgt het -s: d'autres voies. In de vaste zin is het enkelvoud omdat quai enkelvoud is. quai betekent hier perron. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor un. Het meervoud is quais, bijvoorbeeld in les quais — “de perrons”. Samen vormt de zin Est-ce qu'on devrait rester ici ou chercher un autre quai ?: “Zullen we hier blijven, of zullen we een ander perron zoeken?” Het herbruikbare patroon is Est-ce qu'on devrait + infinitief ... ou + infinitief ... ?, voor een voorzichtige vraag waarin twee handelingsmogelijkheden worden afgewogen.

  4. Reste près d'ici pour l'instant. Si ça change, le personnel nous dira où aller.

    Blijf voorlopig in de buurt. Als er iets verandert, zullen medewerkers zeggen waar we heen moeten.

    Reste
    blijf
    près d'ici
    hier in de buurt
    pour l'instant
    voorlopig
    change
    verandert
    le personnel
    het personeel
    dira
    zal zeggen
    où aller
    waarheen te gaan
    Uitgebreide uitleg

    Reste is de gebiedende wijs van rester voor tu: “blijf”. Het onderwerp tu wordt in deze vorm niet uitgesproken. De vorm voor meerdere personen of een formele aanspreking is restez, niet reste. près d'ici betekent letterlijk “dicht bij hier”, dus “hier in de buurt”. près de geeft nabijheid aan; ici verwijst naar de plaats die in de situatie als “hier” geldt. Voor een andere plaats kun je bijvoorbeeld zeggen: Reste près de la porte. — “Blijf bij de deur.” pour l'instant is een vaste tijdsbepaling: “voorlopig” of “op dit moment”. Het beperkt reste in de tijd zonder te zeggen hoelang precies. Een verwante uitdrukking is pour le moment, met ongeveer dezelfde betekenis. In Si ça change is change de tegenwoordige tijd van changer, derde persoon enkelvoud: “verandert”. ça is een algemeen aanwijzend voornaamwoord voor de situatie of zaak waarnaar hier wordt verwezen; de zin specificeert die niet verder. Na si gebruikt het Frans voor een mogelijke toekomstige voorwaarde de tegenwoordige tijd: Si ça change..., niet een toekomstsvorm in dit deel. Bijvoorbeeld: Si le plan change, on attend. — “Als het plan verandert, wachten we.” le personnel betekent “het personeel”. Personnel is hier een zelfstandig naamwoord met het enkelvoudige lidwoord le; het verwijst naar de medewerkers als groep. Daarom staat het werkwoord in de derde persoon enkelvoud, zoals in le personnel dira. dira is de futur simple van dire (“zeggen”), derde persoon enkelvoud: “zal zeggen”. De relevante reeks is dire — dit (“zegt/heeft gezegd”, afhankelijk van de context) — dira (“zal zeggen”). In deze zin staat de toekomstige vorm omdat het zeggen volgt op de mogelijke verandering. In où aller betekent où “waar” en aller “gaan”. Na où staat hier de infinitief aller, omdat dit geen zelfstandige vraag is maar de inhoud van wat het personeel zal meedelen. Het niet-uitgesproken onderwerp van aller wordt door de context als nous begrepen: waar wij heen moeten gaan. Bijvoorbeeld: Je ne sais pas où aller. — “Ik weet niet waar ik heen moet.” Samen vormen le personnel nous dira où aller de betekenis “het personeel zal ons zeggen waar we heen moeten”. De volledige structuur is: Reste près d'ici pour l'instant — “Blijf voorlopig hier in de buurt” — gevolgd door de voorwaarde Si ça change en het gevolg le personnel nous dira où aller — “als er iets verandert, zullen medewerkers ons zeggen waar we heen moeten”. De imperatief geeft het advies of verzoek; de tweede zin beschrijft wat er bij een verandering zal gebeuren.

  5. J'ai des bagages, donc je ne veux pas continuer à me déplacer.

    Ik heb bagage bij me, dus ik wil niet steeds rondlopen.

    J'ai des bagages
    Ik heb bagage bij me.
    donc
    dus
    je ne veux pas continuer à me déplacer
    ik wil niet blijven rondlopen of me verplaatsen
    Uitgebreide uitleg

    De zin betekent: Ik heb bagage bij me, dus ik wil niet steeds blijven rondlopen. «J'ai» betekent «ik heb»; «donc» verbindt de reden met het gevolg; «je ne veux pas» betekent «ik wil niet», gevolgd door «continuer à» (blijven) en «me déplacer» (me verplaatsen/rondlopen).

  6. Je vais leur demander s'ils peuvent nous aider si on doit changer de quai.

    Ik zal vragen of ze ons kunnen helpen als we van perron moeten wisselen.

    Je vais leur demander
    Ik zal het hun vragen
    s'ils peuvent nous aider
    of ze ons kunnen helpen
    si on doit changer de quai
    als we van perron moeten wisselen
    Uitgebreide uitleg

    De zin betekent: “Ik zal hun vragen of ze ons kunnen helpen als we van perron moeten wisselen.” «Je vais» is de nabije toekomst met aller + infinitief: “ik zal”. «leur demander» betekent “het hun vragen”; «s'ils» is «si ils», dus “of ze”. «on doit» betekent “we moeten”, en «changer de quai» betekent “van perron wisselen”.

  7. Ce serait utile si le changement se faisait à la dernière minute.

    Dat zou helpen als de wijziging pas op het laatste moment komt.

    Ce serait utile
    Dat zou nuttig zijn.
    si le changement se faisait
    als de wijziging zou plaatsvinden
    à la dernière minute
    op het laatste moment
    Uitgebreide uitleg

    De zin betekent: dat zou nuttig zijn als de wijziging pas op het laatste moment zou plaatsvinden. «Ce serait» is de conditionnel van «être» en drukt een hypothetische situatie uit; na «si» staat hier de imparfait «se faisait».

  8. Dès qu'ils auront mis le tableau à jour, on pourra se déplacer sans avoir à deviner.

    Zodra ze het bord hebben bijgewerkt, kunnen we ons verplaatsen zonder te hoeven raden.

    Dès qu'ils auront mis le tableau à jour
    zodra ze het bord hebben bijgewerkt
    on pourra se déplacer
    zullen we ons kunnen verplaatsen
    sans avoir à deviner
    zonder te hoeven raden
    Uitgebreide uitleg

    Betekenis: zodra zij het bord hebben bijgewerkt, zullen wij ons kunnen verplaatsen zonder te hoeven raden. «Dès que» betekent ‘zodra’; «auront mis» is de futur antérieur voor een handeling die dan voltooid zal zijn. «Pourra» is de futur van «pouvoir», gevolgd door het wederkerende infinitief «se déplacer». «Sans avoir à» betekent ‘zonder te hoeven’.

Grammatica

L’impératif à la 2e personne : reste + complément

Reste sur le quai.

Rèst sür luh kè.

Blijf op het perron.

Bij de gebiedende wijs staat geen onderwerp; « reste » is de vorm voor tu.

mis ... à jour : participe passé dans une forme passive

Le tableau est mis à jour.

Luh ta-blo è mie a zjoer.

Het bord wordt bijgewerkt.

« Mis » is het voltooid deelwoord van mettre; met être beschrijft het een resultaat of toestand.

Frans woordenschat

annonce zelfstandig naamwoord
a-nõs aankondiging; omroepbericht L'annonce

L'annonce dit qu'il y a un retard.

chercher werkwoord
sjèr-sjé zoeken
dire werkwoord
dier zeggen dit
laisser werkwoord
lè-sé laten
monter werkwoord
mõ-té instappen; omhooggaan
penser werkwoord
pãsé denken pense
pourquoi bijwoord
poer-kwa waarom
quai zelfstandig naamwoord
kè perron un autre quai
rester werkwoord
rè-sté blijven Reste
retard zelfstandig naamwoord
ruh-taar vertraging un retard
vérifier werkwoord
vé-rifi-jé controleren; nakijken vérifient
voyageur zelfstandig naamwoord
vwoa-ja-zjeur reiziger les voyageurs

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

waarom

Antwoord tonenpourquoi

controleren; nakijken

Antwoord tonenvérifient

laten

Antwoord tonenlaisser

instappen; omhooggaan

Antwoord tonenmonter