Vooruit in de rij en klaar om te bestellen | Leer chinees in het Nederlands

Chinese lesson set in a contemporary Shanghai everyday setting: At a counter line, two adults move forward, get ready with a card, and prepare to order..

NL → ZH / Niveau: A1

Over deze les

Met Vooruit in de rij en klaar om te bestellen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het chinees.

Dialoog

A

队伍往前走了。

Duìwu wǎng qián zǒu le. De rij gaat vooruit.
B

我们现在应该往前走。

Wǒmen xiànzài yīnggāi wǎng qián zǒu. We moeten nu naar voren stappen.
A

下一个是我们吗?

Xià yí ge shì wǒmen ma? Zijn wij de volgende?
B

快了,我们前面还有一个人。

Kuài le, wǒmen qiánmiàn hái yǒu yí ge rén. Bijna, er staat één persoon voor ons.
A

我把卡准备好了。

Wǒ bǎ kǎ zhǔnbèi hǎo le. Ik heb mijn kaart klaar.
B

把它拿在手里。

Bǎ tā ná zài shǒu lǐ. Houd hem in je hand.
A

我准备好点单了。

Wǒ zhǔnbèi hǎo diǎn dān le. Ik ben klaar om te bestellen.
B

接下来他们可以记下我们的订单了。

Jiē xiàlái tāmen kěyǐ jì xià wǒmen de dìngdān le. Daarna kunnen ze onze bestelling opnemen.

Woord voor woord

队伍 “队伍” betekent hier de rij waarin de mensen wachten. In “队伍往前走了” is het de groep mensen die vooruitgaat. Je kunt “队伍” gebruiken voor een rij of groep mensen die samen in een bepaalde volgorde staat.
“往” geeft in “往前走了” de richting aan: naar voren. Het staat vóór de richtingsaanduiding “前”. Een bruikbaar patroon is “往 + richting + gaan”, zoals in “往前走”。
“前” betekent hier voren of de voorkant, in de richting waarin de rij beweegt. Samen met “往” vormt het in “往前走了” de betekenis naar voren gaan. Je gebruikt “前” ook in richtingsuitdrukkingen waarin iets vóór iemand of iets ligt.
“走” betekent hier gaan of lopen; in “往前走了” gaat de rij vooruit. Het werkwoord beschrijft de beweging zelf, terwijl “往前” de richting aangeeft. Je kunt “走” gebruiken wanneer iemand zich te voet verplaatst of ergens naartoe gaat.
Het “了” aan het einde van “队伍往前走了” laat zien dat de situatie veranderd is: de rij is nu vooruitgegaan. Het benadrukt hier dat die beweging heeft plaatsgevonden of nu merkbaar is. Een veelgebruikt patroon is een zin die met “了” een nieuwe situatie aangeeft.
我们 “我们” betekent wij of ons en verwijst in “我们现在应该往前走” naar de twee mensen die samen in de rij staan. Het staat vóór de rest van de zin als degene die de handeling uitvoert. Je gebruikt “我们” wanneer je jezelf en minstens één andere persoon samen bedoelt.
现在 “现在” betekent nu en geeft in “我们现在应该往前走” het moment van handelen aan. Het staat hier vóór de werkwoordelijke uitdrukking “应该往前走”. Je kunt “现在” gebruiken om duidelijk te maken dat iets op dit moment moet of gebeurt.
应该 “应该” betekent hier zouden moeten: de sprekers vinden dat ze nu naar voren moeten gaan. In “我们现在应该往前走” staat het vóór de handeling die volgens hen passend is. Een bruikbaar patroon is “应该 + werkwoord” om advies of een verwachte handeling uit te drukken.
下一个 “下一个” betekent de volgende en verwijst in “下一个是我们吗?” naar de volgende persoon of groep die aan de beurt is. Het staat hier als onderwerp vóór “是”. Je kunt “下一个” gebruiken om te vragen of aan te geven wie of wat daarna komt.
“是” verbindt in “下一个是我们吗?” “下一个” met “我们”: de vraag is of wij de volgende zijn. Het geeft hier een identificatie of gelijkstelling aan. Je gebruikt “是” vaak in een patroon als “X 是 Y” om te zeggen dat X Y is.
“吗” maakt van “下一个是我们” een ja-neevraag: zijn wij de volgende? Het staat aan het einde van de vraag. Je gebruikt “吗” na een gewone mededelende zin wanneer je naar bevestiging of ontkenning vraagt.
“快” betekent hier bijna of het duurt niet lang meer, in het antwoord “快了”. De spreker stelt de ander gerust dat hun beurt dichtbij is. In deze betekenis kan “快” in een korte uitdrukking aangeven dat iets bijna gebeurt.
前面 “前面” betekent hier vóór ons of vooraan in de rij. In “我们前面还有一个人” verwijst het naar de plaats vóór de sprekers. Je gebruikt “前面” om de positie aan de voorkant of vóór iemand aan te geven.
“还” betekent hier nog: er is nog steeds één persoon vóór ons. In “我们前面还有一个人” voegt het de betekenis toe dat die persoon nog niet aan de beurt is geweest. Een bruikbaar patroon is “还 + 有” wanneer iets nog aanwezig of over is.
“有” betekent in “前面还有一个人” er is of bevindt zich. Het introduceert de persoon die vóór hen staat. Je gebruikt “有” in een patroon als “plaats + 有 + persoon of ding” om te zeggen dat iets ergens is.
“一” betekent één en geeft in “一个人” het aantal personen aan. Het staat vóór het telwoord “个” en het zelfstandig naamwoord “人”. Je gebruikt “一” samen met een telwoord om precies één exemplaar aan te geven.
“个” is in “一个人” het algemene telwoord dat tussen het getal en “人” staat. De hele groep “一个人” betekent één persoon. Je gebruikt “个” vaak om personen of dingen te tellen wanneer geen specifieker telwoord nodig is.
“人” betekent persoon of mens en staat in “一个人” na het getal en het telwoord. Hier verwijst het naar de ene persoon die vóór de sprekers staat. Je kunt “人” gebruiken om naar een persoon of naar mensen in het algemeen te verwijzen.
“我” betekent ik of mij. In “我把卡准备好了” is “我” degene die de kaart heeft klaargemaakt. Het staat als onderwerp aan het begin van de zin wanneer de spreker zichzelf bedoelt.
“把” leidt in “把卡准备好了” het object van de handeling in: de kaart wordt klaargemaakt. Het plaatst “卡” vóór de handeling en het resultaat. Een bruikbaar patroon is “把 + object + werkwoord + resultaat” wanneer je benadrukt wat er met het object gebeurt.
“卡” betekent hier kaart en verwijst naar de kaart die de spreker bij zich heeft. In “把卡准备好了” is het de kaart die klaargemaakt wordt. Je kunt “卡” gebruiken voor een kaart die iemand bij zich heeft of gebruikt, wanneer de context duidelijk maakt om welk soort kaart het gaat.
准备 “准备” betekent hier klaarmaken of voorbereiden. In “我把卡准备好了” gaat het om de kaart klaarmaken voor het komende bestellen. Een bruikbaar patroon is “准备 + object” wanneer je iets voor een activiteit gereedmaakt.
“好” geeft in “准备好了” aan dat het klaarmaken voltooid is en het resultaat klaar is. Het beschrijft hier dus niet alleen “goed”, maar het bereikte resultaat van “准备”. Je kunt “准备好” gebruiken om te zeggen dat iets gereed is voor het volgende gebruik.
“它” betekent het of dat en verwijst in “把它拿在手里” naar de kaart uit de vorige zin. Het is hier het object dat vastgehouden moet worden. Je gebruikt “它” om naar een ding of voorwerp te verwijzen dat al bekend is.
“拿” betekent hier vasthouden of nemen; in “把它拿在手里” gaat het om de kaart in de hand houden. Het werkwoord beschrijft wat je met het voorwerp doet. Een bruikbaar patroon is “拿 + voorwerp + plaats” om te zeggen waar je iets vasthoudt.
“在” geeft in “拿在手里” de plaats of positie aan waarin de kaart wordt vastgehouden. Het verbindt de handeling “拿” met de plaats “手里”. Je kunt “在” gebruiken om aan te geven waar iemand of iets zich bevindt.
手里 “手里” betekent in de hand en geeft in “拿在手里” de plaats van de kaart aan. “里” maakt duidelijk dat het voorwerp zich in de hand bevindt. Je gebruikt “手里” wanneer iemand iets in zijn of haar hand houdt.
点单 “点单” betekent hier een bestelling plaatsen, bijvoorbeeld aan de toonbank. In “我准备好点单了” zegt de spreker dat hij of zij klaar is om te bestellen. Je kunt “点单” gebruiken wanneer je bij een zaak je bestelling doorgeeft.
接下来 “接下来” betekent hier hierna of vervolgens en verwijst naar het volgende moment in de volgorde. In “接下来他们可以记下我们的订单了” gaat het om wat er na het wachten gebeurt. Je gebruikt “接下来” om de volgende stap of gebeurtenis aan te kondigen.
他们 “他们” betekent zij of hen en verwijst in “他们可以记下我们的订单了” naar de mensen achter de toonbank. Het staat vóór “可以” als degene die de volgende handeling kan uitvoeren. Je gebruikt “他们” voor meerdere personen die niet de spreker of de aangesprokene zijn.
可以 “可以” betekent hier kunnen of mogen: de medewerkers kunnen nu de bestelling noteren. In “他们可以记下我们的订单了” geeft het aan dat de mogelijkheid of gelegenheid er nu is. Een bruikbaar patroon is “可以 + werkwoord” om een mogelijkheid of toestemming uit te drukken.
记下 “记下” betekent hier noteren of opschrijven, zodat de informatie wordt vastgelegd. In “记下我们的订单” gaat het om het noteren van de bestelling. Je kunt “记下 + informatie” gebruiken wanneer iemand iets opschrijft of onthoudt door het vast te leggen.
“的” verbindt in “我们的订单” de bezitter “我们” met het bezit “订单”. De uitdrukking betekent onze bestelling. Een bruikbaar patroon is “bezitter + 的 + zelfstandig naamwoord” om bezit of een relatie aan te geven.
订单 “订单” betekent bestelling en verwijst in “我们的订单” naar wat de twee sprekers willen bestellen. Het is de informatie die de medewerkers in “记下我们的订单” noteren. Je gebruikt “订单” wanneer een bestelling als geheel wordt bedoeld.

Grammatica

还有 + 数量 + 量词 + 名词

前面还有一个人。

Qiánmiàn hái yǒu yí ge rén.

Er staat nog één persoon voor ons.

还有 geeft aan dat iets of iemand nog aanwezig is; het staat vóór de hoeveelheid en het zelfstandig naamwoord.

接下来 + 主语 + 动词

接下来他们记下订单。

Jiē xiàlái tāmen jì xià dìngdān.

Daarna noteren zij de bestelling.

接下来 staat aan het begin en geeft aan wat er hierna gebeurt.

Chinees woordenschat

队伍 zelfstandig naamwoord
duìwu rij

队伍往前走了。

还有 werkwoord
hái yǒu er is nog

我们前面还有一个人。

zelfstandig naamwoord
kaart

我把卡准备好了。

快了 uitdrukking
kuài le bijna

快了,我们前面还有一个人。

前面 bijwoord
qiánmiàn ervoor / voor ons

我们前面还有一个人。

zelfstandig naamwoord
rén persoon

我们前面还有一个人。

往前 bijwoord
wǎng qián naar voren

我们现在应该往前走。

我们 voornaamwoord
wǒmen wij / we

我们现在应该往前走。

下一个 uitdrukking
xià yí ge de volgende

下一个是我们吗?

现在 bijwoord
xiànzài nu

我们现在应该往前走。

一个 telwoord
yí ge één

我们前面还有一个人。

werkwoord
zǒu lopen

队伍往前走了。

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

bijna

Antwoord tonen快了

er is nog

Antwoord tonen还有

ervoor / voor ons

Antwoord tonen前面

één

Antwoord tonen一个