저는
저는 betekent hier ‘ik’ als onderwerp van de zin. De vorm bestaat uit 저 (‘ik’, een bescheiden vorm) en 는, dat het onderwerp markeert; de basisvorm is 저. Je gebruikt 저는 bijvoorbeeld om over jezelf te spreken wanneer je een toestand of mening noemt.
좀
좀 betekent hier ‘een beetje’ in 저는 좀 나아졌어요 en verzacht de mededeling. In deze zin maakt het de uitspraak dat het beter gaat minder stellig. Je gebruikt 좀 vaak vóór een beschrijving of verzoek, bijvoorbeeld in een nieuwe uitdrukking als 좀 기다려 주세요 (‘wacht alstublieft even’).
나아졌어요
나아졌어요 betekent hier ‘is beter geworden’ of ‘voelt beter aan’. De vorm hangt samen met 나아지다 (‘beter worden’) en verwijst hier naar een verandering ten opzichte van eerder. Je kunt 나아졌어요 gebruiken wanneer je vertelt dat je gezondheid of een andere toestand verbeterd is.
아주
아주 betekent hier ‘heel’ of ‘erg’ en versterkt 바빠요 in 저는 아주 바빠요. Het staat vóór de beschrijving waarop de versterking betrekking heeft. Je kunt 아주 gebruiken om een toestand of eigenschap sterk te benadrukken.
바빠요
바빠요 betekent hier ‘ben druk’ of ‘is druk’. Het is de beleefde vorm die in de dialoog wordt gebruikt om de huidige toestand van druk zijn uit te drukken; de basisvorm is 바쁘다. Je gebruikt 바빠요 bijvoorbeeld wanneer iemand vraagt waarom je weinig tijd hebt.
이제
이제 betekent hier ‘nu’ of ‘vanaf nu’, met de betekenis dat de situatie op dit moment veranderd is. In 저는 이제 준비됐어요 geeft het aan dat de spreker vanaf dit moment klaar is. Je gebruikt 이제 wanneer je een huidig moment tegenover een eerdere situatie plaatst.
준비됐어요
준비됐어요 betekent hier ‘ben klaar’ of ‘ben voorbereid’. De vorm beschrijft dat de voorbereiding voltooid is en wordt in de dialoog gecombineerd met 저는 이제. Je kunt 준비됐어요? als nieuwe vraag gebruiken om te vragen of iemand klaar is.
안
안 draagt hier bij aan de ontkenning in 안 됐어요: samen betekent die uitdrukking ‘is niet klaar’ of ‘is niet voorbereid’. 안 staat vóór de vorm die ontkend wordt, terwijl 됐어요 het deel ‘klaar geworden’ bijdraagt. Je gebruikt 안 vóór een werkwoord of beschrijving om een handeling of toestand te ontkennen.
됐어요
됐어요 draagt in 준비됐어요 de betekenis ‘is klaar geworden’ bij, maar in 안 됐어요 wordt de hele uitdrukking ‘is niet klaar’ door 안 ontkend. De vorm is hier dus onderdeel van een uitdrukking over klaar zijn en moet niet los als de volledige betekenis ‘niet klaar’ worden opgevat. Je kunt 됐어요? in voorbereidingstaal gebruiken als onderdeel van een vraag of iemand klaar is.
시간이
시간이 betekent hier ‘tijd’ als onderwerp van 시간이 더 필요해요. Het bestaat uit 시간 (‘tijd’) en 이, dat het onderwerp markeert; de basisvorm is 시간. Je gebruikt 시간이 nodig in de constructie 시간이 필요해요 om te zeggen dat tijd nodig is.
더
더 betekent hier ‘meer’ in 시간이 더 필요해요. Het geeft aan dat er bovenop de al beschikbare of eerder bedoelde tijd extra tijd nodig is. Je gebruikt 더 vóór een hoeveelheid of beschrijving wanneer je een grotere mate of hoeveelheid bedoelt.
필요해요
필요해요 betekent hier ‘is nodig’ in de constructie 시간이 더 필요해요. De vorm is de beleefde vorm van 필요하다 (‘nodig zijn’), waarbij 시간이 als het nodige wordt genoemd. Je gebruikt de herbruikbare constructie [iets]이/가 필요해요 om te zeggen dat iets nodig is.
시간
시간 betekent hier ‘tijd’ in de vraag 시간 있어요? De vraag gaat over de vraag of er tijd beschikbaar is, dus over de mogelijkheid om tijd vrij te maken. Je gebruikt 시간 bijvoorbeeld wanneer je wilt vragen of iemand tijd heeft om te praten of iets te doen.
있어요
있어요 betekent hier ‘is er’ of ‘is beschikbaar’ en maakt in 시간 있어요? de vraag ‘Heb je tijd?’. De vorm is de beleefde vorm van 있다 (‘er zijn’ of ‘beschikbaar zijn’). Je kunt de vraagvorm [iets] 있어요? gebruiken om te vragen of iets aanwezig of beschikbaar is.