어젯밤
어젯밤 betekent hier ‘gisteravond’ en verwijst naar de avond vóór vandaag. In de dialoog staat het in 어젯밤에 voor een gebeurtenis op dat tijdstip.
에
에 markeert hier het tijdstip waarop iets gebeurt: in 어젯밤에 betekent het ‘op gisteravond’. Je gebruikt het na een tijdsaanduiding om het moment van een gebeurtenis aan te geven.
이웃
이웃 betekent hier ‘buur’ of ‘buurman/-vrouw’. In 이웃이 is de buur degene over wie de zin gaat; je kunt 이웃이 gebruiken als onderwerp van een beschrijving of gebeurtenis.
이
이 is hier het onderwerpspartikel na 이웃: 이웃이 betekent ‘de buur ...’. Het gebruikelijke patroon is een zelfstandig naamwoord dat op een medeklinker eindigt plus 이.
꽤
꽤 betekent hier ‘tamelijk’ of ‘behoorlijk’ en versterkt de beschrijving 시끄러웠어요. In 꽤 시끄러웠어요 maakt het duidelijk dat de buur behoorlijk lawaaierig was.
시끄러웠어요
시끄러웠어요 betekent hier ‘was lawaaierig’ of ‘was luidruchtig’. Het is de beleefde verleden vorm van 시끄럽다 en beschrijft in deze zin de buur van gisteravond.
우리
우리 betekent hier ‘wij’ in de groep die probeerde te slapen. In 우리가 staat het als onderwerp; in andere contexten kan 우리 ook ‘ons’ of ‘onze’ betekenen, afhankelijk van de zin.
가
가 is hier het onderwerpspartikel na 우리: 우리가 betekent ‘wij ...’. Je gebruikt 가 na een onderwerp dat op een klinker eindigt.
자려고
자려고 geeft hier aan dat slapen het doel of de bedoeling was: in 자려고 할 때 gaat het om de poging om te gaan slapen. De vorm wordt gebruikt om een bedoeling of doel vóór een volgende handeling uit te drukken.
할
할 is hier de vorm van 하다 vóór 때 en verwijst naar het uitvoeren van een handeling. In 자려고 할 때 helpt het om ‘op het moment dat we probeerden te slapen’ te vormen; het patroon voor ‘wanneer ...’ staat vóór 때.
때
때 betekent hier ‘wanneer’ of ‘op het moment dat’. In 자려고 할 때 geeft het aan wanneer de muziek hoorbaar was.
음악
음악 betekent ‘muziek’. In 음악 소리가 is het de muziek waarvan het geluid hard te horen was; je kunt het direct voor 소리 plaatsen om over het geluid van muziek te spreken.
소리
소리 betekent ‘geluid’. In 음악 소리가 is het geluid van de muziek het onderwerp van 들렸어요.
크게
크게 betekent hier ‘hard’ of ‘luid’ en beschrijft hoe sterk het geluid te horen was. In 크게 들렸어요 geeft het de luidheid van het gehoorde geluid aan.
들렸어요
들렸어요 betekent hier ‘was te horen’ of ‘klonk hoorbaar’. Het is de beleefde verleden vorm van 들리다 en beschrijft in deze zin dat het geluid van de muziek hoorbaar was.
예의
예의 betekent ‘beleefdheid’ of ‘goede manieren’. In 예의 바른 메시지 draagt het bij aan de betekenis ‘een beleefd bericht’, samen met 바른.
바른
바른 betekent hier ‘beleefd’ in 예의 바른 메시지. Het is de vorm die vóór 메시지 staat en het bericht beschrijft; 예의 바른 메시지 is een bruikbaar patroon voor een beleefd bericht.
메시지
메시지 betekent ‘bericht’ of ‘boodschap’. In 메시지를 남길까요? gaat het om een bericht dat bij de buur kan worden achtergelaten.
를
를 is hier het objectpartikel na 메시지: 메시지를 markeert het bericht als datgene wat men wil achterlaten. Je gebruikt 를 na een object dat op een klinker eindigt.
남길까요
남길까요 betekent hier ‘zullen we achterlaten?’ en vormt een beleefd voorstel. In 메시지를 남길까요? vraagt de spreker aan de ander of ze samen een bericht zullen achterlaten.
친근한
친근한 betekent hier ‘vriendelijk’ of ‘warm van toon’ en beschrijft het bericht. In 친근한 메시지 staat het vóór 메시지; je gebruikt zo’n vorm om een zelfstandig naamwoord te beschrijven.
써야
써야 betekent hier dat men moet schrijven. In 써야 해요 komt het van 쓰다 en vormt het samen met 해요 de beleefde uitdrukking ‘moeten schrijven’.
해요
해요 maakt in 써야 해요 de verplichtingsuitdrukking af: samen betekent 써야 해요 ‘moet schrijven’. Dit patroon gebruik je om beleefd te zeggen dat een handeling noodzakelijk is.
화난
화난 betekent hier ‘boos’ en beschrijft een bericht met een boze toon. In 화난 메시지는 안 돼요 staat het vóór 메시지 om dat soort bericht aan te duiden.
는
는 markeert hier 화난 메시지는 als onderwerp met contrast: ‘wat een boos bericht betreft, dat kan niet’. In 화난 메시지는 안 돼요 helpt het om dit type bericht tegenover het gewenste vriendelijke bericht te plaatsen.
안
안 betekent hier ‘niet’ en staat vóór 돼요. In 안 돼요 maakt het duidelijk dat iets niet goed of niet toegestaan is; dit is een veelgebruikte uitdrukking voor ‘dat kan niet’ of ‘dat mag niet’.
돼요
돼요 betekent hier ‘is goed’ of ‘is toegestaan’. Samen met 안 in 안 돼요 betekent het ‘is niet goed’ of ‘mag niet’, wat in de dialoog over een boos bericht gaat.
소음
소음 betekent hier ‘lawaai’ of ‘geluidsoverlast’. In 소음 때문에 is het lawaai de oorzaak waardoor de sprekers niet konden slapen.
때문에
때문에 betekent hier ‘vanwege’ of ‘doordat’ en staat na 소음 in 소음 때문에. Je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord om een oorzaak of reden te noemen.
잠
잠 betekent ‘slaap’. In 잠을 못 잤다고 is het datgene wat de sprekers niet konden doen of krijgen; de uitdrukking verwijst hier naar slapen.
을
을 is hier het objectpartikel na 잠: 잠을 markeert ‘slaap’ binnen de uitdrukking 잠을 못 잤다고. Je gebruikt 을 na een object dat op een medeklinker eindigt.
못
못 betekent hier ‘niet kunnen’ en staat vóór 잤다고. In 못 잤다고 geeft het aan dat de sprekers door het lawaai niet konden slapen.
잤다고
잤다고 is de gerapporteerde verleden vorm van 자다 en betekent op zichzelf ‘dat iemand sliep’ of ‘dat iemand heeft geslapen’. In 못 잤다고 betekent het samen met 못 ‘dat we niet konden slapen’, en in 잤다고 말할게요 wordt die inhoud gerapporteerd.
말할게요
말할게요 betekent hier ‘ik zal zeggen’ en drukt de bedoeling van de spreker uit. In 잤다고 말할게요 kondigt de spreker aan dat die informatie aan de buur zal worden verteld.
저녁
저녁 betekent ‘avond’. In 저녁 시간 verwijst het naar de avondperiode waarin het voor de buren druk kan zijn.
시간
시간 betekent hier ‘tijd’ of ‘periode’. In 저녁 시간 betekent het samen met 저녁 ‘de avondtijd’ of ‘de avonduren’.
도
도 betekent hier ‘ook’. In 저녁 시간도 zegt de spreker dat ook de avondtijd druk kan zijn, naast andere mogelijke drukke momenten.
바쁠
바쁠 betekent hier ‘druk kunnen zijn’ wanneer het vóór 수 staat. In 바쁠 수 있다는 beschrijft het de mogelijkheid dat de avondtijd druk is.
수
수 betekent hier ‘mogelijkheid’ in de constructie 바쁠 수 있다. Samen met 바쁠 en 있다 drukt het uit dat iets mogelijk is: ‘druk kunnen zijn’.
있다는
있다는 maakt hier van 바쁠 수 있다 de inhoud ‘dat het druk kan zijn’. In 바쁠 수 있다는 것 leidt het die inhoud in vóór 것, dat ernaar verwijst als een feit of punt.
것
것 betekent hier ‘het feit’ of ‘datgene dat’. In 있다는 것 maakt het de voorafgaande inhoud tot een bespreekbaar feit: dat avonden druk kunnen zijn.
안다고
안다고 betekent hier ‘dat we weten’ en is de gerapporteerde vorm van 알다. In 우리도 안다고 덧붙여요 wordt toegevoegd dat ook de sprekers begrijpen dat avonden druk kunnen zijn.
덧붙여요
덧붙여요 betekent hier ‘voeg toe’ of ‘voeg eraan toe’ en is een beleefde aansporing. In 안다고 덧붙여요 vraagt de spreker om nog een extra punt aan de boodschap toe te voegen.
그러면
그러면 betekent hier ‘dan’ of ‘op die manier’ en verwijst naar het zojuist voorgestelde toevoegen van die informatie. In 그러면 메시지가 ... leidt het de verwachte uitkomst daarvan in.
더
더 betekent hier ‘meer’ of ‘nog’ en versterkt de volgende beschrijvingen. In 더 부드럽고 duidelijker wordt het bericht vergeleken met de eerdere versie.
부드럽고
부드럽고 betekent hier ‘zachter’ of ‘milder en ...’. De vorm verbindt deze beschrijving met 분명해져요 in 부드럽고 분명해져요, zodat beide eigenschappen van het bericht worden genoemd.
분명해져요
분명해져요 betekent hier ‘wordt duidelijker’ of ‘wordt helderder’. Het beschrijft een verandering in het bericht; in 더 부드럽고 분명해져요 wordt de boodschap zowel milder als duidelijker.
나중
나중 betekent hier ‘later’ en staat in de dialoog in 나중에. Het verwijst naar een moment na het schrijven van het bericht, wanneer men het bij de deur kan leggen.
그
그 betekent hier ‘die’ of ‘dat’ en staat vóór 집. In 그 집 verwijst het in deze context naar het huis van de buren.
집
집 betekent ‘huis’ of ‘thuis’. In 그 집 gaat het om het huis waar de deur van de buren bij hoort.
문
문 betekent ‘deur’. In 문 근처 verwijst het naar de plek waar of waarbij het bericht kan worden neergelegd.
근처
근처 betekent ‘de buurt van’ of ‘de omgeving rond’. In 문 근처 betekent het ‘bij de deur’ of ‘in de buurt van de deur’.
놓을
놓을 betekent hier ‘neerleggen’ of ‘plaatsen’ en staat vóór 수 있어요. In 놓을 수 있어요 vormt het samen met 수 있어요 de betekenis ‘kunnen neerleggen’.
있어요
있어요 drukt hier samen met 수 de mogelijkheid uit: 놓을 수 있어요 betekent ‘we kunnen het neerleggen’. In deze zin gaat 있어요 dus niet over het bestaan van iets, maar over de mogelijkheid van de handeling.